Auw

Auw. Ik had wat krachttermen in gedachten, maar de ruimte waarin het gebeurde was daarvoor niet echt geschikt dus ik slikte ze in en hield het bij auw. Ik had mijn knie gestoten aan een tafelpoot. Een metalen vierkanten poot. Een pijnscheut knalde mijn knie in. Je kent het misschien wel, zo’n misselijk makende pijn waar je gewoon even draaierig van wordt. Ik was aan het werk en niet het juiste moment om te stoppen. Gelukkig zakte de scherpte al snel weg maar de knie bleef de rest van de dag duidelijk aanwezig.

Dit was ruim een week geleden. De dag er na een klein rondje hardgelopen maar dat ging eigenlijk niet. Doordat ik de knie voelde ging ik toch anders lopen om hem te ontzien en dat is niet oké . Vorig weekend voelde ik hem ook nog en besloot om een week hardlooprust te nemen. Wandelen daarentegen ging wel goed. Waarschijnlijk omdat je daarbij niet de schokbelasting hebt zoals bij hardlopen. Dat ging dus een week wandelen worden wat ik helemaal geen straf vond.

Afgelopen week dagelijks gewandeld. Ik had de mogelijkheid om naar mijn werk te wandelen. S’morgens was dat een wandeling van 25 minuten en s’middags deed ik een ommetje door de stad en was ik 45 minuten onderweg. Zo bleef ik mooi in beweging. Misschien is wandelen ook wel een goed trainingsonderdeel voor de lange afstand loper. Ga ik eens over nadenken.

Vanmorgen de schoenen weer uit de kast gehaald om een rondje te gaan hardlopen. Kijken hoe dat ging. Ik had een rondje van 5 km in gedachten. Eerst maar eens kijken hoe dat ging. Heel langzaam begonnen in een soort van hardloopschuivel, waarbij ik mijn voeten laag hield om de schokbelasting zo klein mogelijk te houden. Dit ging goed. Mijn knie had hier geen problemen mee. Echter als ik wat harder ging lopen voelde ik hem protesteren. Conclusie: gewoon door gaan met schuifelen.

Nou heb ik natuurlijk over drie weken de wintermarathon Leeuwarden in de agenda staan. In dit schuiveltempo, waar niets mis mee is, ga ik daar niet voor sluitingstijd binnen zijn. Het plan is om komende week lekker door te schuifelen en dan weer verder te zien. De marathon is voor mij geen moeten, maar doe hem voornamelijk voor de leuk. Niets gaan forceren dus. Op naar volgend weekend.

Herstel

Hitte, regen, mist en dit weekend kou. Ik kan wat het weer betreft niet zeggen dat de voorbereiding op de wintermarathon Leeuwarden saai is. Dit geld ook voor het lopen. De afgelopen twee weekenden heb ik duurlopen gedaan van meer dan 30 km, respectievelijk 31 en 33 km, maar dit weekend voelde ik dat dat te ver zou zijn dus was het tijd voor een halve marathon afstand en die, dat dan weer wel, wat sneller.

De weekend duurloop doe ik in de Amsterdamse Waterleidingduinen en dan zoveel mogelijk over onverharde paden met lekker wat heuveltjes. Gisteren ben ik op een andere plek begonnen en kreeg zo in de laatste kilometer een paar pittige heuvels voor de kiezen. Voor zover ik weet hebben ze in Friesland veel water, maar moet je de heuvels zoeken. Kan het parcours kwa hoogteverschillen alleen maar meevallen. Zal je net zien dat ze die paar heuvels die er zijn in het parcours opgenomen hebben. Na een rustige eerste kilometer ben ik gaan versnellen tot ik een voor mij comfortabel snel tempo gevonden had en liep de 21 km in 1:49 uur. Helemaal tevreden De laatste paar honderd meter uitgewandeld naar de auto en naar huis voor een warme douche.

Zo’n training als gisteren en ook die van de vorige weekenden is behoorlijk belastend voor mijn lichaam en vraagt om herstel. Iedereen zal zijn eigen manier van herstel hebben, maar ik wil jullie graag laten kennismaken met mijn manier. Het herstel begint eigenlijk al tijdens de laatste paar honderd meter van de training. Daarin is het tempo een paar honderd meter voor het einde gezakt naar een heel rustige dribbel die overgaat in wandelen. Zo snel als kan trek ik na afloop droge en warme kleding aan en pak iets te drinken. Meestal is dat chocolademelk en dan de half volle. Magere is misschien beter vanwege het vetgehalte maar die vind ik minder lekker en het moet wel leuk blijven. Ik doe wat losmakende oefeningen zoals draaien met de heupen, de benen losschudden en ga naar huis. Rekoefeningen doe ik later thuis na het douchen. Dat is ook het moment om wat te gaan eten. Gisteren een schaaltje skyr, een banaan en twee krentenbollen

De dag na zo’n belastende training ga ik niet hardlopen, maar wandelen. Als ik ga hardlopen belast ik mijn gewrichten, speren enz. weer met een schokbelasting en het voelt voor mij niet goed om ze dat aan te doen. Door te wandelen vermijd ik dat, maar zorg ik er wel voor dat de doorbloeding van mijn spieren verbeterd en de aanvoer van zuurstof en afvoer van afvalstoffen bevorder. Eigenlijk een soort schoonspoelen van de spieren. De dag daarna mag ik weer een zeer rustig dribbelde doen mits ik geen pijn of stijfheid voel. In dat geval wordt het weer een wandeldag. Wat voor mij uit den boze is om pijnstillers te nemen om te kunnen hardlopen. Pijnstillers onderdrukken de pijnsignalen die mijn lichaam afgeeft met als gevolg dat ik over een grens heenga en alleen maar meer schade kan oplopen. Deze manier van herstel zorgt er bij mij mede voor dat ik nu al jaren vrij van blessures blijf.

Vandaag een wandeling gemaakt met onderweg een tussenstop voor de inwendige mens. Misschien niet helemaal de juiste herstelvoeding, maar wel lekker.

Even opzij gelegd

Vorige week moest ik mijn ruitenwissers op dubbele snelheid laten werken om enig zicht te hebben op de weg. Gisteren moest ik de mistlampen aandoen zodat andere weggebruikers mij zagen. Het lijkt erbij te horen in de voorbereiding op een marathon. Het weer. Zo kregen we in 2004 in voorbereiding op de Rotterdam marathon tijdens een lange duurloop over het strand een ware kogelregen van hagelstenen over ons heen waar geen hardloopkleding bescherming tegen bood. Later speelde in de voorbereiding op de Berlijn marathon de hitte een rol. Zo heeft elke marathon voorbereiding wel zijn weer verhaal.

Voor dit weekend stond eigenlijk een snellere halve marathon op het programma, maar ik had daar geen zin in. Ik had zin in een rustige lange duurloop. Eh, nu zal menigeen zeggen “een halve marathon is toch ook een lange duurloop” en dat klopt, maar ik heb het nu even over een 30 km duurloop. Met rustig bedoel ik in praattempo zonder te hijgen en dat tempo zal voor iedereen ook anders zijn. De vraag is nu of dit van invloed is op mijn marathon voorbereiding. Ik denk van niet. Ten eerste zijn het beide trainingen die in een marathonschema passen. Ten tweede gaat het mij niet om een tijd te lopen, 4 uur zou mooi zijn, maar is geen moeten en ten derde staat voor mij het plezier in de trainingen voorop. Voor een wedstrijdloper spelen misschien andere factoren een rol, maar ook dan denk ik dat het helemaal niet verkeerd is om eens tussendoor een andere weg te nemen. Ik had voor dit weekend het schema opzij gelegd

Rond kwart voor negen parkeerde ik mijn auto bij de Amsterdamse Waterleidingduinen. Mijn riem om gedaan met daarin twee halve literflessen vocht voor onderweg en ik kon vertrekken. Ik had een globale route in gedachten. Ik begon met een uurtje kriskras onverharde paden te nemen naar een andere ingang . Vandaar uit over een verhard fietspad echter het circuit van Zandvoort langs naar Bloeendaal aan Zee en daarna het stuk waar ik naar had uitgekeken. Het strand. Richting boulevard lopend zag ik al snel dat het laag water was en een mooi breed strand uitnodigend voor mij lag. Ik had verwacht dat gezien het mooie weer, de mist was volledig opgetrokken, druk zou zijn met wandelaars , maar dat bleek niet het geval te zijn. Eerst nog een kort stijl stukje mul zand naar beneden en toen lag er zo’n 7 km strand voor mij tot voorbij Zandvoort waar ik weer de duinen in zou gaan. Het was weer heerlijk om over het strand hard te lopen. Af en toe een stukje naar links of naar rechts om het hardere zand te zoeken De honden renden braaf achter de ballen aan die door hun baasjes werd weggeworpen en hadden geen belangstelling voor mijn kuiten. Ik passeerde een groep hardlopers die ik wat later achter mij aan hoorde komen. Hun trainer had waarschijnlijk de opdracht gegeven dat ze een tempo versnelling moesten doen totdat ze bij mij waren, want toen ze mij inhaalden keerden ze om. Al snel daarna zag ik de strandopgang die ik moest nemen om weer de duinen in te gaan. Deze strandopgang was ook zo’n lekkere kuitenbijter van 50 m mul zand. Aangemoedigd door een echtpaar wilde ik mij niet laten kennen en bleef een soort van hardlopen. Boven op de duin nog even achterom gekeken naar strand en zee en de laatste 7 km teruggelopen naar de parkeerplaats waar mijn auto stond.

Een mooie duurloop gedaan van 33 km met een gemiddelde snelheid van 10 km/uur. Volgende week pak ik het schema weer op, tenminste……

Betonloop

De ruitenwissers moesten vanmorgen even op dubbele snelheid toen ik naar de Amsterdamse Waterleidingduinen (AWD) reed. Dat ging nog wat worden straks, want ik had voor vandaag een lange duurloop ingedachten waarbij ik weer eens de 30 km aan wilde tikken. Met in mijn hoofd van erger dan dit kan het niet worden, wat nu valt, valt straks niet en je lijdt het meest van dat wat je vreest, vervolgde ik rustig mijn weg. Aangekomen bleek ik niet de enige te zijn die de duinen in wilde. De parkeerplaats was al goed gevuld. Nog 5 minuten in de auto gezeten, want buienradar gaf aan dat het dan iets minder hard zou gaan regenen en toen op pad.

Zoals gezegd wilde ik vandaag de 30 km aantikken in voorbereiding op de Wintermarathon Leeuwarden zaterdag 24 dec en in de route had ik ook het betonplaten pad opgenomen. Dit is een pad dat voor mij een zekere uitdaging heeft, maar waar ik ook een bloedhekel aan heb. Ik heb het hier over een pad ( of weg ) in de AWD dat bestaat uit betonplaten. Het is een pad van bijna 7 km lang en gaat alleen maar rechtuit. Je begint eraan, maar kan pas laat het einde zien omdat er regelmatig vals plat inzit waarvan de top dan iedere keer net te hoog is om over heen te kijken. Het bestaat uit twee rijen betonplaten en elke plaat heeft een lengte van zo’n 5 meter. Het gevaar zit hem in de aansluiting van de platen. Soms gaat het een tijdje goed , maar dan is er opeens een plaat die een stukje boven de vorige plaat uitsteekt en als je niet oplet ga je dan mooi plat. Als laatste voel je dat beton hard is en volgens mij ook harder als asfalt en een tegelpad. Als je daarvoor net een paar kilometer je lichaam verwent hebt met onverharde paden komt de klap dubbelhard aan. Toen ik vroeger met een marathongroep hierover heen ging hoorde ik al snel de opmerking “we krijgen weer een mentale training “. Zo’n pad is het dus.

Ik had vandaag wel zin in zo’n mentale training en dat gecombineerd met mijn eerste 30 km na jaren sloeg ik twee vliegen in één klap. Ik had wel besloten om hem van zuid naar noord te lopen zodat ik de wind van achteren had. Een gevolg daarvan was dat ik in de kilometer die aan het eind van het pad begon nog wel vier pittige heuveltjes moest nemen. Voordat ik aan het pad begon had ik er al 14 kilometer opzitten. Toen ik het pad en de kilometer met de kuitenbijters achter mij had restte mij nog 8 km over onverharde paden. Ook hiervan is niets vlak, maar na het voorgaande vielen die voor mij in het niet.

Ik kijk terug op een fijne duurloop die in de regen begon maar droog eindigde. Waarin een voor mij mentaal pittig stuk in zat, maar waar de teller na afloop ruim 31 km aangaf. Volgende week mag ik weer een snellere halve marathon afstand lopen.

Joggende hardloper

Gisteren weer een halve marathon afstand in de duinen gelopen. Het was een stuk rustiger dan vorige week. De herten waren klaar met het burlen, wat meteen betekende dat het aantal fotografen meer dan gehalveerd was. In het begin voelden mijn kuiten nogal stijf en besloot ik rustig te beginnen. Over de eerste kilometer deed ik dan ook bijna 7 minuten. Mijn kuiten gingen steeds prettiger aanvoelen en het tempo kon omhoog naar rond de 5:30 min/km (10,9 km/uur). Er kwam mij een groepje wandelaars tegemoet en één zei “pas op, er komt een hardloper aan”.

Ik moest denken aan mijn doordeweekse duurloopjes. Die gaan een stuk langzamer. Zo liep ik dinsdag 7,5 km/uur met een gem hf van 104, woensdag 7,6 km/uur met een gem hf van 105 en donderdag 7,8 km/uur met een gem hf van 101. Praat je hier dan ook over hardlopen. Het is wel een tempo dat je niet wandelt , maar een snelwandelaar draait hier waarschijnlijk niet zijn hand voor om. Ik had die week op twitter gezet dat ik een rondje gejogd had, omdat ik terug moest denken aan eind jaren 70 begin jaren 80 toen het joggen overgewaaid was uit Amerika en hiermee volgens mij de huidige hardloopgolf mee begonnen is.

Ik heb het van Dale erop nageslagen en hierin staat dat dat joggen betekend hardlopen, voor recatie en als conditietraining. Dit betekend dus dat joggen ook hardlopen is. Hoef ik de naam van mijn blog niet te veranderen in htjogger. Bij hardlopen staat in het van Dale om het snelst lopen, een tijdlang snel lopen. Dat laatste is dus wat ik gisteren heb gedaan. Er staan op internet ook allerlei snelheden waaraan de naam jagen of hardlopen gekoppeld is. Zo zou je bijvoorbeeld onder de 8 km/uur aan joggen doen en daarboven aan hardlopen. Een andere site noemt 10 km/uur als grens.

Ik beleef aan alle snelheden plezier, of dit nu langzaam of snel is. Dit laatste is natuurlijk voor iedereen verschillend. Zo zal de Keniaan Kipchoge die recent een wereldrecord op de marathon 12 km/uur langzaam vinden, terwijl dat voor een ander sprinten is. Naast dat ik het leuk vind om in dat langzame tempo te lopen denk ik ook dat het voor mij helpt om blessure vrij te kunnen blijven hardlopen. Natuurlijk speelt ook een rol dat ik geen wedstrijd loper ben en het vooral doe omdat ik er plezier aan beleef en voor mijn gezondheid. Bij dat laatste kun je natuurlijk een vraagteken zetten als je , zoals ik van plan ben, een marathon wilt gaan lopen.

Gisteren heb ik in de duinen een halve marathon gelopen in 1:54: 33. Dit is een snelheid van 11,1 km/uur met een gem hf van 144. Ben ik nu een hardloper of een jogger. Misschien wel een joggende hardloper.

HT Runner Leeuwarden marathonschema

Ik heb me ingeschreven voor de Wintermarathon Leeuwarden op zaterdag 24 december. Na 5 jaar marathonrust is het weer begonnen te kriebelen en heb ik zin om weer aan een marathonavontuur te beginnen. De laatste die ik gedaan heb was in 2018 in Köln. Nu dus wat dichter bij huis.

De inschrijving is gedaan, nu nog de trainingen. Ik heb in de agenda gekeken en er resten nog 9 weken voor de start. Als ik op mijn laptop het mapje persoonlijke schema’s open maak dan krijg ik tientallen marathonschema’s te zien die ik in het verleden voor lopers gemaakt heb. In grote lijnen zijn deze schema’s allemaal op dezelfde manier opgebouwd. Drie weken opbouw, één week rustig, drie weken opbouw enz. Ik zou iets kunnen bedenken van twee weken opbouw, één week rust voor de 9 weken die ik nog heb, maar ik wil het eens anders doen.

Het idee komt voort uit de twee wat snellere halve marathons die ik de afgelopen weken heb gelopen. Dit waren geen officiële wedstrijden, maar een halve marathonafstand die ik in de duinen had uitgezet. Daar wil ik wat mee gaan doen. Een tweede training die ik graag wil doen is de lange duurloop. Hiermee bedoel ik duurlopen langer dan 21 km. Het plan dat ik heb is om deze twee om de week te doen. Dit houdt in de ene week een snellere halve marathon, de week erop een lange duurloop, een snellere halve enz. Het tempo van de snellere hm omschrijf ik als op souplesse snel. Dit betekend een snel tempo dat ik zonder te werken vol kan houden, mijn techniek kan houden, nog oog heb voor de omgeving en dus na afloop niet als een hijgend paard over een balk hang. Het tempo van de lange duurloop ligt lager en omschrijf ik als een rustig praattempo.

Ik denk dat dit voor mij best ambitieus is omdat ik de afgelopen jaren geen tot weinig lange lopen heb gedaan en daarom zijn de doordeweekse trainingen ook anders dan in al mijn gemaakte schema’s. Om overbelasting te voorkomen doe ik nog drie doordeweekse trainingen van 7 km. Het tempo van deze doordeweekse loopjes omschrijf als kan niet langzaam genoeg . Ik sluit het trainingsprogramma af met een snelle 10 km het weekend voor de marathon .

Gisteren de eerste duurloop kilometers naar Leeuwarden gedaan. 25 km in de duinen over onverharde paden. Voor het eerst na 5 jaar weer zo’n lange duurloop, maar merkte dat mijn lichaam het nog niet verleerd had. Na ruim 2,5 uur kon ik tevreden terugkijken op een fijne training.

Naar Friesland

De kogel is door de kerk. Ik ga naar Friesland, en wel naar Leeuwarden. Op zaterdag 24 december wordt daar een marathon georganiseerd. De wintermarathon Leeuwarden . Vorige wek had ik nog het idee om de Spijkernisse marathon te gaan lopen, maar toen ik in de werkagenda keek kwam dat niet zo goed uit. Deze week wat rondgeneusd in de marathon kalender en kwam daar Leeuwarden tegen. Ik zag op hun website dat dit evenement voor het eerst georganiseerd wordt.

Dat het voor het eerst georganiseerd wordt maakt het voor beide partijen spannend, Voor de organisatie of er nies over het hoofd is gezien, hoe de deelnemers het vinden enz. Voor mij omdat mijn laatste marathon alweer 5 jaar geleden is geweest. Dit was de marathon van Köln (verslag lees je Hier ) In het verslag schrijf ik dat dat mijn laatste stadsmarathon zou zijn. Ik moet daar dus op terugkomen nu ik Leeuwarden ga doen. (Hoewel het parcours vrijwel geheel buiten de stad loopt ) Na de 100 Bruggenloop van drie weken geleden voel ik dat mijn lijf en hoofd smacht en schreeuwt naar een marathon. Ik heb er weer ongelooflijk veel zin in.

5 Jaar geleden had ik in Köln, mijn tigste marathon, het doel om dezelfde tijd te lopen als mijn eerste marathon 35 jaar daarvoor . Dat was in 1983 de marathon van Amersfoort en die liep ik in 3:33 uur. Dat doel heb ik toen gehaald, maar nu?

3:33 Lijkt mij geen realistische tijd, maar ik wil in tegenstelling tot de 100 bruggenloop wel een eindtijd als doel hebben. De reden daarvoor is dat ik denk dat uitlopen binnen 5 uur wat de organisatie als maximale tijd gesteld heeft geen probleem is. Daarnaast merk ik aan mijzelf dat ik het ook leuk vind om voor een tijd te gaan trainen. Vorige week liep ik voor mijzelf vrij gemakkelijk een halve marathon in 1:50 uur. De vraag is :”wat is nu een realistische tijd”?. Vroeger gebruikte ik de regel dat je de maximale haalbare marathon tijd kon berekenen met de formule twee keer je ( recente ) snelste halve marathontijd plus 10% . Als ik dat toe pas op mijn halve marathon tijd van twee week geleden, meenemend dat ik die makkelijk liep, dan moet 4:00 uur haalbaar zijn.

De volgende vraag is natuurlijk “hoe ga ik daar voor trainen”? Ik wil het niet volgens de gebruikelijke trainingsschema’s doen van een paar weken opbouw een week rust en zo verder. Ik wil iets anders proberen. Volgende week zal ik daar meer over vertellen.

Niet verwacht

The Cure knalde mijn oor in en deden mijn trommelvliezen als een idioot trillen. Mijn Applewatch was helemaal opgeladen en mijn vinger ging naar de tekst hardlopen buiten dat op het scherm stond. Voelde ik daar wat van spanning in mijn lijf? Het ging eigenlijk nergens over wat ik zou gaan doen. Er hing niets van af en heel bijzonder was het ook niet. Maar toch. Het was vrijdagochtend en Robert Smith van The Cure zong “It’s Friday I’m in love”.

Ik was s’morgens in de auto gestapt en naar de Amsterdams Waterleidingduinen (AWD) gereden. Toen ik nog in Haarlem woonde ging ik daar vaak naar toe om een rondje te gaan hardlopen, maar sinds ik naar Leiden verhuist ben is het mij eigenlijk te ver, behalve vanmorgen dan. Twee weken geleden had ik de 100 bruggenloop in Leiden meegedaan. Een loop van 19 km door Leiden waarbij je over 100 verschillende bruggen ging. Vrijdagochtend wilde ik daar nog twee kilometer aan plakken en dus een halve marathon lopen. Ik had in het verleden voor mijzelf een halve marathon in de AWD uitgezet over onverharde paden met lekker veel kleine heuveltjes en die wilde ik gaan lopen.

De laatste keer dat ik een halve marathon had gelopen was anderhalf jaar geleden. Dat was de halve marathon van Leiden. Mijn doel vrijdagochtend was om deze halve te lopen in een tempo dt ik noem “op souplesse snel”. Dit betekend een tempo dat snel ( voor mijn kunnen ) mocht zijn, maar waarbij ik de looptechniek goed kon houden, niet ging hijgen en niet ging werken. Kortom ik mocht mij niet kapot lopen. Ik was heel benieuwd wat dat voor tijd op zou leveren.

De tijd begon te lopen en daar ging ik. De eerste kilometer mocht niet te snel gaan. Het was een soort inloop kilometer. Deze eerst km ging in 5:52 min en was toen ik later terug keek mijn langzaamste km. Alles zat mee, mijn benen voelden goed, kwam gelijk een paar herten tegen, een bekende loper die gedag zei en ook het weer was helemaal top. Over de route hoefde ik niet na te denken, want die had ik al vaak gelopen. Na zo’n 2,5 km schrok ik wel even, want daar stond een manshoog hek. Gelukkig was het geen gesloten hek maar kon ik er gewoon door. Het tempo was ondertussen naar kilometers rond de 5:20 min/km gegaan. Het was alweer een tijd geleden dat ik zo hard gelopen had. Op de eerste open vlakte voelde ik een meevaller. Ik had wind tegen, maar dit betekende dus dat ik hem op de terugweg mee had. De route die ik liep was in een 8 vorm. Ik had twee bidons van een halve liter water bij me en elke vierde km dronk ik daar een kwart van. Het ging helemaal goed.

Na 14 km zag ik dat de snelheid was opgelopen naar zo’n 5:04 min/km, maar omdat ik nog steeds makkelijk liep besloot ik geen gas terug te nemen. Ik moet eerlijk bekennen dat ik niet verwacht had dat het zo goed zou gaan. Stiekem was ik al aan het rekenen geslagen en de uitkomst was dat ik als ik zo doorliep deze halve marathonafstand ruim binnen de twee uur zou lopen. Ik was ondertussen ook al mooi een soort van keerpunt voorbij en voelde regelmatig op de openen stukken dat ik de wind in de rug had. Geen harde wind, maar wel even lekker. Opeens was ik al bij een soort van markeerpunt. Dit was de plek waar ik vroeger, toen ik nog (marathon)trainingen gaf, de groep die ik trainde losliet. Ze mochten dan de laatste twee km versnellen als ze konden. Ik mocht van mijzelf ook los en leip de laatste twee km in een tempo onder de 5:00 min/km.

Na 21,1 km de tijd gestopt en zag 1:50:37 op het scherm staan. Dit was iets dat ik totaal niet verwacht had. Ik had al maanden niet in dit tempo gelopen. Wel veel gelopen, maar niet zo snel. Stiekem had ik vooraf gehoopt op een tijd net onder de 2 uur maar niet dit. Een paar honderd meter rustig uitgedribbeld en mijzelf daarna bij het restaurant dan bij de parkeerplaats was getrakteerd op een pannenkoek.

In mijn hoofd is zich na deze loop weer een nieuw loopdoel aan het ontwikkelen, maar daarover volgende week meer. Nu eerst nog nagenieten van deze ervaring.

100 bruggen

97 Is zomaar een getal en dat geldt ook voor 103, maar daartussen ligt 100 en dat is andere koek. 100 is bijzonder, een mijlpaal. Als iemand 100 wordt komt de burgemeester langs. Vanmorgen stond het getal 100 ook centraal. Ik weet niet of de burgemeester geweest is of misschien zelfs meegedaan heeft, maar ik was erbij. De 100 bruggenloop in Leiden.

Het was voor het eerst sinds anderhalf jaar dat ik weer aan een loopevenement deelnam. Een aantal maanden geleden las ik ergens, weet niet meer waar, een artikel over de 100 bruggenloop in Leiden. Die werd voor de eerste maal georganiseerd en ik dacht meteen van hup inschrijven. Een trainingsschema gemaakt en aan de slag gegaan. Vanmorgen was het dan zover, Om half zeven opgestaan voor mijn traditioneel loopevenementen ontbijt wat inhoud een paar sneetjes suikerbrood met roomboter. Om half 8 had ik de loopkleding aan en ging ik naar de startlocatie.

Het was een net iets andere loop dan de vele andere loopevenementen. Zo ga je niet je startnummer ophalen, maar je bewijs van deelname. Een sticker die je zichtbaar op je shirt plakt. Je krijgt ook geen chip of iets anders mee voor een elektronische tijdregistratie en in de verstuurde mail stond onder andere de vraag of je je aan de verkeersregels wilde houden. Bij de kledingafgifte werd ook meegedacht, want ik kreeg de tip om een foto van het bonnetje te maken waarop het nummer stond van mijn tas, Dit voor het geval dat ik dat bonnetje, wat in mijn geval niet vreemd is, kwijt zou raken. Op naar de start.

100 Bruggen en 19 km lagen op mij te wachten.De sfeer onder de lopers was ontspannen. Er werd afgeteld en daar gingen we. Al snel de eerste brug over. Ik had in mijn trainingen de afgelopen maanden al menig bruggetje van het parcours gelopen, maar had niet het parcours verkend omdat ik graag verrast wilde worden. Zo was daar na brug 18 de eerste verrassing. Ik dacht dat we het Blekerspark in zouden gaan, maar we werden door een vrijwilliger de andere kant opgestuurd. Wat de vrijwilligers betrof alleen maar lof. Ze stonden op cruciale punten en allemaal even aardig en behulpzaam.

Ik had een fijn tempo gevonden, wat zo rond de 10 km/uur lag, en liep van brug naar brug. Elke brug was genummerd. We liepen kris kras door Leiden en soms vroeg ik mij af “waar ben ik nu?” terwijl ik toch al een tijdje in Leiden woon. Een dame waar ik een stukje samen mee op liep vroeg zich af wanneer we door de Hortus zouden gaan. Nou dat gebeurde na brug 50. Om de sterrenwacht heen de Hortus is. Er waren wat hekken open gezet die anders gesloten zijn om een bruggetje mee te kunnen pikken.

Bij brug 84 gingen we dan toch het Blekerspark in die ik al veel eerder had verwacht. Bij brug 87 werd ik gepasseerd door twee lopers en even dacht ik “ik ga met ze mee”, maar een seconde later besloot ik al om ze te laten gaan. Ik liep lekker, voelde mij goed in het tempo dat ik liep en tijd was niet belangrijk, want mijn doel was blessurevrij uitlopen. Dus gewoon in mijn eigen tempo doorgelopen. Brug 97, 98 en 99 waren weer een paar oude bekenden die ik in de trainingen vaak gedaan had. Op naar brug 100 die nog een kort stijl klimmetje van 13% in petto had en naar de finish waar we de medaille omgehangen kregen.

Ik kijk met een goed gevoel terug naar de afgelopen maanden waarin ik voor het eerst sinds tijden weer met een trainingsschema naar een loopevenement getraind heb. Ik wil de organisatie en iedereen die er aan meegewerkt heeft om deze loop mogelijk te maken hartelijk bedanken. Mocht je volgend jaar denken van laat ik aan een loopevenement mee doen dan kan ik deze aanbevelen en wie weet zien we elkaar dan, want ik ga hem zeker volgend jaar weer doen.

Welke tijd ik gelopen heb? Geen idee, maar was ruim voor sluitingstijd binnen.

Bijna

Afgelopen weekend was de Dam tot Damloop. Als ik op social media keek dan had ik het idee dat ik de enige hardloper in Nederland was die zijn loopje thuis had gedaan. De deelname aan loopevenementen blijft groot. In Trouw las ik afgelopen weekend de kop “Aan de onstuimige groei van het hardlopen is een eind gekomen”. Nou is dat wel vaker gezegd, maar elke keer komt er sinds de jaren 80 een nieuwe loopgolf. Volgens mij zaten we nu in de derde of misschien al de vierde loopgolf maar daar is dus nu blijkbaar een einde aan gekomen.

Wat mijzelf betreft nader ik ook het einde. Dit klinkt heel dramatisch maar is het niet. Ik heb het over het einde van mijn voorbereiding op de 100 bruggenloop van komende zondag en ik heb deze periode helemaal blessurevrij gedaan. Mijn eerste doel is hiermee behaald. Het eerste positieve einde. Nu op naar het tweede positieve einde, het uitlopen van de 100 bruggenloop komende zondag. Ik ben er bijna.

Drie maanden geleden ben ik begonnen met de voorbereiding en terugkijkend kan ik alleen maar tevreden zijn. De hele voorbereiding is volgens plan verlopen en ik heb van elke training genoten. Ik ben blij dat ik niet voor een prestatie doel heb gekozen. Hiermee bedoel ik een tijd waarbinnen ik de loop moet voltooien. Dit heeft voor mij een hoop druk weggenomen. Ongetwijfeld zal na het finishen de vraag komen “welke tijd had je”. Mijn antwoord zal dan zijn “ik was voor sluitingstijd binnen”.

Terugkijkend naar het schema ben ik blij dat ik voor vier trainingen in de week heb gekozen. Bij drie zou ik mij niet prettig gevoeld hebben, omdat te graag hardloop en vijf zou teveel geweest zijn, want ik voelde wel dat mijn lijf de hardloop rustdagen nodig had. Die dagen heb ik nu ingevuld met wandelen. Mijn schema bestond dus uit twee dagen een rustige duurloop, een rustdag, een dag snellere duurloop, een rustdag en de week afsluiten met een langere duurloop gevolgd met een rustdag op maandag.

Er zijn zeker nog meer factoren te noemen die een positieve uitwerking hebben gehad tijdens deze voorbereiding. Mijn veranderde voeding en mijn gewichtsvermindering zullen een rol gespeld hebben. Zo ook de menige kwartiertjes krachttraining van de beenspieren zittend op de grond voor de tv kijkend naar een Netflix serie en de buikspieroefeningen die ik vaak aansluitend aan een hardlooptraining deed. Misschien moet ik eens een boek over schrijven.

Na alle hierboven geschreven woorden moet ik natuurlijk nog wel komende zondag mij tweede doel behalen, het uitlopen van de 100 bruggenloop. Ik heb er het volste vertrouwen in.

Gisteren de laatste langere duurloop gedaan van ruim 10 km in de regen. Hopelijk hebben de weergoden voor de 100bruggenloop volgende week iets anders in gedachten.