Hapering

Geweldig, ben ik net begonnen aan de voorbereiding voor de Köln marathon heb ik al mijn eerste hapering. Afgelopen woensdag voelde ik het al. Kriebel in de keel. Vocht uit de neus. Een verkoudheid was in opkomst. Donderdagmorgen was hij in alle hevigheid losgebarsten. De snelle training die gepland stond geschrapt en na een paar seconden bedenktijd de looptraining die dag maar in zijn geheel gestopt. Je hoopt dan , tegen beter weten in, dat het vrijdag beter zal gaan. Nou niet dus, maar omdat ik de gehele dag binnen gezeten had wilde ik er toch even uit en deed een kort loopje van 6,8 km rustig op gevoel. Lekker om er even uit te zijn, maar het ging zwaar. Voelde alsof ik de driedubbele afstand had gelopen. Niet goed dus. Zaterdagochtend zwetend wakker geworden. Algehele malaise, hoofdpijn, spierpijn, loopneus enz. Ik wist het gelijk. GRIEP! Kon een dikke streep zetten door de training die ik nog ergens ver weg op een miniscuul klein plekje in mijn hoofd had gezet. Het fijne van deze griep was wel dat er geen enkele twijfel meer bestond over wel of niet hardlopen dit weekend. NIET! Gelukkig is de koorts nu , zondagmiddag , weg, maar hoe nu verder

Ik heb altijd de regel gehanteerd dat ik voor elke dag koorts twee hardlooprustdagen moet nemen. Dat betekend dus 4 dagen niet hardlopen (ook geen andere sport ) om het lichaam de tijd te geven om te herstellen. Voor alle zekerheid plak ik er nog een dag aan en mag dus komende zaterdag weer gaan hardlopen. Te beginnen met wat rustige duurloopjes. Als ik daarna nergens meer last van heb mag ik weer een intensieve training doen.

Gelukkig bied deze niet hardloopperiode ook weer andere mogelijkheden. Ik kan nu de tijd die ik niet ga hardlopen mooi besteden aan het doen van wat langere rek en streksessies. De eerste hapering in de voorbereiding is dus een feit , maar gelukkig duurt die voorbereiding 9 maanden en er zal best nog wel een tweede volgen. Gewoon accepteren dat het gebeurd en verder gaan.

Het 1100 m rondje

Om bij het rondje te komen wat ik graag wilde lopen mag ik gelijk zo’n 200 m flink omhoog. De hartslag zit ook gelijk op 200.

Vanmorgen had ik zin om een interval training te gaan doen in de Middenduin. Een stukje duingebied bij Overveen. Het lijf voelde goed, want het had drie dagen hardlooprust gekregen na de training van zaterdag. Dat was een pittige training geweest van 10 x 400m , met het laatste kwart heuvel op, afgesloten met 5 x 100m vlak. Vandaag werd het een lange interval. Ik ken een rondje van 1100 m over een mooi geaccidenteerd parkoers. Om bij dat rondje te komen mag ik gelijk zo’n 200m omhoog. De hartslag zit ook gelijk op 200. Eigenlijk kun je dan gelijk beginnen aan een herstelrondje en dat kwam goed uit , want dat kon ik mooi combineren met het inlopen voor mijn training. Na het inlopen nog wat rekoefeningen gedaan en ik kon beginnen.

Dit rondje ken ik nog van zo’n 10 jaar geleden dat ik hier regelmatig liep. Toen liep ik het rondje meestal 6 keer in een hoog tempo en hing daarna 5 minuten over een balk om weer tot leven te komen. Dit was vandaag niet de bedoeling. Het moest langzamer, maar ja als het langzamer moest dan kun je er ook meer doen. Dit slaat natuurlijk nergens op, maar is wel leuk om te doen. Het zouden er 8 worden. Een mooi even aantal zodat ik er vier met de klok mee en vier tegen de klok in kon doen. Wat ook weer nergens op slaat, want met zes kun je dit ook doen. 8 x 1100 m dus.

Het is een leuk rondje waarin niets vlak is. Vals plat, stijle hellinkjes, scherpe bochten en behoorlijk wat boomwortels. Dit laatste maakt dat het rondje niet zonder risico is. Zeker nu het pad bezaaid ligt met bladeren is het goed oppassen. Nou moet ik zeggen dat ik het rondje zo vaak heb gelopen dat ik de meest risicovolle stukken wel ken, maar je weet nooit of er nog een boomwortel op een nieuwe plek zijn kop heeft opgestoken. Dit betekend dus goed focussen op het pad en mijn aandacht bij elke pas hebben, zodat ik bij een eventuele gemiste boomwortel gelijk kan corrigeren. Ik begon met vier keer tegen de klok in. Het mooie is dat ik daarna met vier keer met de klok mee een heel ander rondje liep. Zo eindigt de één met vals plat omlaag en de ander begint dus met dit valse plat omhoog en zit in de ene een stijl stukje omhoog dan zit dat dit in de ander omlaag. Ik kan niet zeggen welke richting nu het makkelijkst (of het moeilijkst) is , want vermoeidheid gaat ook een rol spelen.

Ik zei dat ik tien jaar geleden dit rondje 6 keer snel deed. Toen gingen ze gemiddeld in 3:45 min. Nu gingen er 8 gemiddeld in 4:20 min en hoefde ik na afloop niet reanimerend over de balk te hangen. Nog even een stukje uitlopen en ik kon de 200m omlaag lopen. Een heerlijke training gehad.

LSD trip

Er stonden al wat auto’s op de parkeerplaats toen ik daar om half 8 aankwam voor mijn lsd. Voor de niet weters, hiermee bedoel ik niet het geestverruimende middel, maar een long slow distance run.  Van de eerste schijn je een  Trip te krijgen waar ik geen ervaring mee heb, maar de tweede doet ook iets wat voor mij als een vorm van trip is. Daarover zo meteen meer.

Ik had deze lsd gepland in de Amsterdamse Waterleidingduinen. De reden hiervoor is dat ik dan over onverharde paden kan lopen wat beter voelt voor mijn fysieke gestel. Na zo’n anderhalf uur over asfalt begin ik mijn gewrichten te voelen en heb daar op onverharde paden geen last van. Ik had geen route,  tijd of afstand in de planning, maar wilde gewoon kijken wat zich aan zou dienen. Als ik bijvoorbeeld een loopmaatje tegen zou komen waar ik mee in gesprek raakte kon ik dan gewoon meelopen zonder van mijn route te geraken, want die had ik immers niet. Ik koos er wel bewust voor om de eerst 3 km over het gras langs het water te lopen. Lekker vlak en mooi om in te lopen. Daarna ben ik kriskras door de duinen gelopen. Wisselend wat heuvels meegepikt en dan weer weer het vlakkere gedeelte op. Het voordeel is dat ik het gebied goed ken en dus ook weet waar de kraantjes zijn om mijn water voorraad aan te vullen (heb twee bidons van een halve liter bij me)

Na 20 km en voor de tweede keer mijn bidons aangevuld ging ik richting het zweefvliegveld. Het lopen was  steeds makkelijker geworden. Het ging eigenlijk als vanzelf. Ik hoefde er niet meer over na te denken hoe hoog ik mijn voet op moest tillen om over boomstronken of ander obstakels te stappen en het ontwijken van kuilen ging ook vanzelf. Ongemerkt liep ik verder en verbaasde ik mijzelf soms dat ik al op een punt was zonder dat ik daar erg in had. Bij het zweefvliegveld zweefde ik als het ware over het pad dat daar langs loopt. Gedachten  had ik wel , want af en toe was ik ze mij bewust, maar de meeste tijd kon ik al rondkijkend van de omgeving en het hardlopen genieten.  Dit wordt ook wel de runners high genoemd, maar ik noem het mijn LSD trip.  Na 31 km vond ik het wel genoeg en nam de afslag terug naar de parkeerplaats. Uiteindelijk liep ik 33 km. Wat dan ook weer een hele trip is.

duinfoto

De langzame maand

Het voordeel van de langzame duurloop is dat je niet zo ver hoeft te lopen en toch lang kunt lopen.

Vanmorgen een duurloop gedaan van 12 km. Gewoon van huis uit langs het Spaarne en ringvaart. Veelal over verharde paden, maar daar waar mogelijk ook wat onverhard meegepikt. Het tempo was langzaam. Hoe langzaam? Enige jaren geleden toen ik nog lopers naar een marathon begeleidde was de basis van mijn schema’s de langzame duurloop. Veel lopers hadden moeite om langzaam te lopen. Ik gaf ze dan wel een snelheid of hartfrequentie aan , want voor elk niveau loper geldt een ander langzaam lopen tempo, maar dan nog. Op een gegeven moment kreeg ik een mailtje terug van een loper waarin stond dat hij gepasseerd was door een slak. Ik mailde terug dat hij nu het goede tempo te pakken had. In dit tempo liep ik dus vanmorgen.

Sinds de laatste blog zijn er wel wat veranderingen opgetreden. De grootste verandering is dat ik de intervaltraining heb geschrapt uit de trainingen. Ik merkte dat dit naast de duurlopen fysiek te belastend was en er kleine pijntjes optraden. Ik ben op zoek gegaan naar een alternatief wat voor mij wel geschikt was en ben uitgekomen bij een soort van bloktraining. Dit houdt in dat ik in één van mijn wekelijkse trainingen een stuk in een pittig tempo mag doorlopen. Bijv een 8 km training bestaat dan uit 2 km inlopen , 4 km pittig, 2 km uitlopen. ( onder pittig versta ik mijn 10 km wedstrijdtempo nu geschat op 14 km/uur ) . Daarnaast doe ik twee trainingen in zo’n 12-13 km/uur en de rest in 10-11 km/uur.  De afstand van de lange duurloop heb ik langzaam opgebouwd naar 30+ km ( een keer 32 en een keer 34 km )

Ik realiseer me dat ik eigenlijk vanaf oktober vorig jaar toen ik het lopen weer serieus ging oppakken alleen maar aan het opbouwen ben geweest, zowel in omvang als in snelheid. Het wordt tijd voor een pas op de plaats. Hoe gaat die pas eruit zien. Na een paar nachten hierover geslapen te hebben kwam ik op de “Langzame Maand”. De maand juli staat in het teken van de langzame lopen. Ik wil beginnen in een tempo van rond de 9,5 km/uur. Dit is het tempo dat ik jaren geleden toen ik een marathongroepen begeleide tijdens hun duurlopen ook liep. Toen liep ik met een HF van 110-120, maar ben nu wat ouder en minder getraind dus zal binnenkort de hartslag meter weer eens onder uit de doos halen om te kijken hoe het nu is. Misschien moet ik wel langzamer lopen. Ik ga in ieder geval niet harder lopen dan die 9,5 km/uur want dan komt die pas op de plaats in het geding.  Of deze pas op de plaats de juiste is weet ik niet, maar hoop over een maand meer te weten. Misschien komt er nog wel een klein pasje achteraan 🙂  Het voordeel van de langzame duurloop is dat je niet zo ver hoeft te lopen en toch lang kunt lopen. Zo liep ik vandaag 1:20 uur en liep 12 km met een gem. snelheid van 9,2 km/uur.

lopen 1

Hardloopclarks

Eigenlijk wil je hardloopclarks hebben.

Ik ben nu alweer een halfjaar aan het hardlopen en wil nu de afstand  gaan uitbreiden. Dus op naar de winkel Runnersworld Haarlem voor een tweede paar schoenen. Tot nu toe loop ik alles op mijn pearl izumi , maar wil daar graag een tweede paar schoenen bij hebben ook omdat ik niet het gevoel heb dat deze schoen mijn voeten  voldoende stabiliteit biedt om lange duurlopen te doen. Ik ben op zoek naar een paar schoenen antwoordde ik op de vraag van de verkoper wat ik zocht. En wat voor schoen mag dat zijn? Nou eigenlijk gewoon een saaie hardloopschoen. Een neutrale stevige schoen die voldoende demping en stabiliteit geeft om lange duurlopen te kunnen doen. Niet meer en niet minder. Eigenlijk wil je een paar hardloopclarks hebben antwoordde hij lachend.  De vorige keer toen ik hier zat duurde het zeker een uur voordat ze iets gevonden hadden wat mij goed paste en waar ik tevreden over was. Deze keer ging het aanmerkelijk sneller. De tweede schoen die ik aantrok voelde gelijk goed.  Dit waren de New Balance 880v6 Ik heb een vrij smalle voet en deze schoen paste gelijk goed. Een stukje buiten op gelopen en ik was verkocht. Nog wel een paar andere schoenen gepast , maar die benaderden niet het gevoel dat ik had bij de New Balance. Inpakken en afrekenen zou je zeggen. Nou dat gebeurde ook , maar niet voordat de eigenaar van RW Haarlem Rob Vreenegoor mij had gewezen op een nieuwigheidje , de Milestonepod  Een kleine sensor die je op je schoen bevestigd en die een hoop hardloopeigenschappen meet, zoals je snelheid, afstand,  pasfrequentie, grondcontact en nog veel meer. Even een app downloaden en na afloop van de training je smartphone of tablet erbij houden en je kunt al deze gegevens aflezen. Nou ben ik niet zo van de high-techs maar dit vond ik wel leuk om uit te proberen, mede omdat je er tijdens het hardlopen niets van merkt. Geen band om je borst of iets om je arm/pols maar een ultralichte sensor op je schoen. Mijn eerste ervaringen zijn zeer positief.  Binnenkort meer over deze milestonepod en de hardloopclarks.

Vanmorgen gekeken naar de Rotterdam Marathon. Als je Lee Towers dan voor aanvang hoort zingen “You never walk alone” dan gaat het toch weer kriebelen.

IMG_0225

De dag inlopen

De enige loopmaatjes die meegaan zijn mijn schoenen waar ik op loop en die kijken niet op een uurtje eerder.

Wat doe je als je op zondagochtend om 05:00 uur klaarwakker op bed ligt. Dat vroeg ik mij vanmorgen af. Het antwoord liet niet lang op zich wachten, want de poes begon al aan de deur te krabben. Eruit dus. Het beestenspul eten geven. Een pot thee zetten en zelf ook een ontbijtje nemen. Nog even wat social media doornemen foto sites bekijken. En dan? Waarom niet beginnen met de duurloop in plaats van te wachten tot het licht is. Ik loop hem  alleen dus hoef geen rekening te houden met loopmaatjes. De enige loopmaatjes die meegaan zijn mijn schoenen waar ik op loop en die kijken niet op een uurtje eerder. Er stond een duurloop van 18 km op het programma in een tempo dat ontspannen aanvoelt. De route was dezelfde als een week geleden zodat enig vergelijk mogelijk zou zijn.

De doordeweekse trainingen gaan weer helemaal lekker. Ik zit nu op 1 training van 10 x 380 m en een training van 4 x 1100 m ( werk toe naar 6 x ) . De laatste training is hoe ik mij voel. Soms een korte duurloop, zoals afgelopen vrijdag 6,6 km op souplesse of zoals vorige week 10 x 200 m  ( P 200 m dribbel )  Ik hou nog wel aan dat ik na geen enkele training “kapot” mag zijn, want dat zou betekenen dat ik een langere rust moet nemen. Ben niet de jongste meer 🙂

De duurloop van vanmorgen begon dus in het donker. Af en toe komt er een fietser of een auto voorbij of zie ik opeens het licht in een woning aangaan. Zijn ook wakker geworden. Het liep lekker . Ik merk dat de doordeweekse snelle trainingen zijn vruchten beginnen af te werken, want als ik af en toe een blik op mijn Garmin 305 kijk dan zie ik dat ik rond de 12 km/uur loop en nog steeds ontspanning voel.

Het leven begint weer een beetje op gang te komen. Kom al wat mensen tegen die de hond uitlaten. Het verkeer begint een beetje op gang te komen en in steeds meer huizen brand het licht. De donkerte waarin ik begon begint begint ook op te lossen en maakt plaats voor licht. Het is heerlijk om de dag in te lopen. Thuis gekomen zie ik dat er op de Garmin staat 18 km in 1:32 uur. Tevreden kan ik aan het ontbijt.

380 en 1100

Zo, alles is bedacht en nu nog de training.

Deze week begonnen met de intervaltraining. Het plan is om met twee intervaltrainingen in de week te beginnen en  te kiezen voor een afstand rond de 400 m en 1000 m. Ik heb niet de mogelijkheid om op een baan te trainen dus dat werd op afstandmeten.nl zoeken naar een parcourtje in de buurt. Dit was al snel gevonden. Ik vond een mooi rondje in de buurt. Er zit een fijn lang recht stuk in van 380 m en met een boog ga je dan weer terug naar het beginpunt en kom je op 1100 m. Klaar. Nou blijk ik met die 380 m ook nog eens vlak bij de klassieke middenafstand ( 384 m ) te zitten. Hoe mooi kan het zijn. Het parcours is gevonden, nu nog de vraag hoe hard ga je. Ik loop regelmatig in het donker en afstandsmarkeringen zijn er niet dus klokken is lastig. Je kunt natuurlijk de eindtijd klokken, maar omdat je geen tussentijden kunt klokken is lopen op tijd toch lastig. Ik besluit om een tempo aan te houden waarbij ik nog net geen verzuring in de benen voel en de stopwatch nog even thuis te laten.  De afstand is er, het tempo is er, nu nog de pauze. Ik wil graag een dribbelpauze doen. Deze is bij de 380 m ongeveer 150 m geworden. Aan de ene kant twee lantarenpalen heen en terug en aan de andere kant tot aan een bushalte en terug. Hoe makkelijk kan het zijn. Bij de 1100m heb ik het ook gewoon heel praktisch gehouden. Ik dribbel  het stuk van 380 m en omdat het toch een rondje is eindig ik gewoon daar waar ik begin.

Zo, alles is bedacht nu de training. Om het lichaam te laten wennen aan deze trainingsvorm ben ik rustig begonnen. met 6 x 380 m  en  een volgende training 3 x 1100 m Het liep boven verwachting goed. De verleiding was daar om er nog een paar aan vast te plakken, maar niet gedaan. De bedoeling is om uit te breiden volgende week 8 x 380 en daarna 10 x 380. Voor de 1100 m elke week eentje erbij tot ik op 6 x zit.

Vandaag nog een 10,5 km gedaan op souplesse uitkijkend voor de gladheid in 52 min ( de 10 km gingen in 49 min ). Voorzichtig aan het kijken naar een halve marathon tegen eind maart en kwam de Spaarnwoudeloop tegen, maar voor het zover is eerst nog maar eens wat trainingen doen.

 

Oliebollenloop 2016

Het is zo’n stuk waar je heel ver vooruit kunt kijken zonder ooit het gevoel te hebben dat je het eind ziet

De eerste drie maanden van het schema zijn achter de rug. Deze maanden stonden in het teken van omvang. De afstand rustig opbouwen van 6 km naar 21 km. Bijna alle trainingen waren rustig. Snelheid schommelde tussen de 8,5 en 10 km/uur met af en toe een uitschieter erboven. Gister was het dan zover. Kon ik 21 km lopen zonder daarna voor apegapen te liggen. Ik had de oliebollen loop uitgekozen om dit te doen. Een loop georganiseerd door de ijsclub Haarlem. Het parcours gaat door de Amsterdamse Waterleidingduinen ( AWD ) en was altijd 20,8 km. Ik schrijf was want hij zou deze keer 20,6 km zijn en bij de inschrijving ging daar nog 100 m vanaf. 20,5 km dus. De bedoeling was uitlopen in een constant tempo. Dat laatste was nog wel een keuze. Ik kon natuurlijk in 10 km/uur gaan lopen. Dat was veilige snelheid met 99,9% kans op slagen, maar dit wilde ik niet. Ik wilde graag op de grens lopen van wat net haalbaar was ( zonder na afloop kapot te zijn) Het startschot klonk en we vertrokken. Ik stond een beetje middenin en kon rustig vertrekken en meelopen met de meute. Na ongeveer een km had ik een tempo te pakken dat goed voelde . Ik werd door menig loper gepasseerd, maar passeerde er ook een paar. Mijn Garmin gaf aan dat ik 12km/uur liep. Oeps, zou ik dat volhouden. Het liep lekker en besloot ervoor te gaan. Ik kende het parcours. De eerst 5 km zijn verhard en heb je nog weinig last van tegenwind. Er zitten wel zo’n 7 pukkels in , waarvan een aantal pittig. Misschien een leuk alternatief voor de bekende 7 heuvelenloop in Nijmegen. De 7 pukkelenloop in de AWD. De eerste 5 km gingen in 24:33 min ( zie tabel onderaan ) , maar nu kwam een er een 5 km aan over betonplaten met een straffe wind tegen. Vroeger toen ik nog marathontrainingen gaf stopte ik dit stuk ook regelmatig in de duurloop met natuurlijk wind tegen. Dit was nooit een populair stuk , integendeel.  Een aantal lopers vroeg dan ook waar ze deze straftraining aan verdiend hadden. Het is zo’n stuk waar je heel ver vooruit kunt kijken zonder ooit het gevoel te hebben dat je het eind ziet. Ik was ondertussen alleen komen te lopen, met 100 m voor mij een andere loper. Oh ja, om dit stuk nog fijner te maken zit er ook nog heel wat vals plat in en de stukken omhoog voelen altijd langer dan de stukken omlaag. Ik kon mijn tempo vrij makkelijk vasthouden en weerstond de verleiding om even aan te zetten en naar de loper voor mij te lopen. Deze tweede 5 km gingen in 24:20 min. Helemaal op schema. Gelukkig komt er altijd een moment dat de richting van het parcours veranderd en de wind van kop afgaat naar zijwind. De organisatie stond op dat punt met warme thee, dank daarvoor. Na ongeveer 13 km verlieten we het verharde pad voor een onverhard stuk met de wind in de rug, maar wel weer met een flinke pukkel erin. De derde 5 km ging in 23:56 min. Het liep nog steeds goed en kreeg er vertrouwen in dat het ging lukken, zeker omdat ik wist dat de laatste km’ters de wind voornamelijk in de rug was. Niet gaan forceren, maar dit tempo vasthouden. Liever op het eind nog versnellen dan inzakken. De vierde 5 km ging in 24:10. Helemaal happy liep ik de laatste 500 m naar de finish. De laatste 200 m nog  samen met een andere loper even aanzetten en in 1:39:25 over de finishlijn komen.  De oliebol en een flesje AA drank die klaar lagen genuttigd  en op de fiets weer naar huis. Helemaal tevreden.

De eerste drie maanden van het schema zijn hiermee met succes afgesloten. Nu op naar de volgende drie maanden, maar daarover deze week meer.

0 – 5 km 00:24:33
5 – 10 km 00:24:20
10 – 15 km 00:23:56
15 – 20 km 00:24:10

Rollator

Vanuit mijn ooghoek zag ik ze. Wankelende wielen die moeite hadden om rechtuit te rollen. Langzaam rolde hij langs het tafeltje waaraan ik een boek zat te lezen. Het was een rollator op leeftijd. Je kon dat horen aan het knarsen en piepen bij elke beweging. Ook het uiterlijk sprak boekdelen. Krassen, deuken en loslatende onderdelen. Ik meende zelfs een zucht van verlichting te horen toen hij naast een leeg tafeltje werd geparkeerd. Hij was toe aan rust.

Ik doe nu ruim  dertig jaar aan hardlopen en hoe staat het nu met mijn lijf. Ik ben begonnen met hardlopen toen het nog joggen heette en trailrunning nog gewoon lopen in het bos en duinen was. Binnen het hardlopen heb ik alles gedaan van 400 m wedstrijdatleet tot en  met ulraloper met uitzondering van hordeloper want die horden waren mij te hoog gegrepen. In al die jaren heb ik zo’n beetje wel alle bekende hardloopblessures meegemaakt, maar loop nu al zo’n 10 jaar blessurevrij.

Ook heb ik aan hardloopstromingen meegedaan. De BK methode, Pose running, Chi running en meer. Eentje wil ik daar uithalen en dat is het blote voetenlopen en lopen op minimalistische schoenen.  Daar ben ik rond 2008 mee begonnen want ik wilde dat ook wel eens ervaren.  Eerst op feelmax schoentjes ( ik noemde ze mijn hardloopslofjes ) en later op fivefingers. Af en toe tussendoor op blote voeten.  Op de fivefingers ( model sprint) heb ik onder andere de marathon van Utrecht gelopen. Echter hoe goed ik ook op mijn looptechniek lette kreeg ik toch last van mijn gewrichten.  De oermens liep ook altijd op blote voeten wordt er gezegd, maar ik vraag mij af of de oermens wel 50 jaar werd en of hij op die leeftijd nog hard liep. Tegenwoordig loop ik weer op de schoen waar ik in mijn begin joggingtijd op liep. Alleen een wat moderner  versie.

Vanmorgen voelde het opeens goed om  een hardloop rustdag te nemen. Mijn lijf voelt goed , maar mocht je mij eens zien hardlopen en denken  “die loopt als een oude rollator ” , laat mij dat dan weten.

Suikerbrood met roomboter

Twee oranje lichten knipperden en de klik klonk van de sloten die in het slot vielen. Ik had de auto geparkeerd bij de garage voor een onderhoudsbeurt. Toen ik de sleutels aan de monteur gaf keek die mij even wat langer aan. Ik vermoede  dat hij keek naar mijn kleding. Ik had namelijk mijn hardloopoutfit aan, omdat ik terug naar huis ging lopen. Ik had een mooie route in gedachten langs de ringvaart en het Spaarne. Een waterroute. In de Volkskrant van afgelopen zaterdag stond  dat uit een Deens onderzoek was gebleken dat licht joggen gezonder was dan intensief sporten, dus licht joggend ging ik op pad. Toen ik een tijdje langs het kabbelende water van de ringvaart liep moest ik terug denken aan 2005. Die zomer maakte ik een fietstocht door Schotland, maar omdat ik mij  had ingeschreven voor de marathon van Berlijn zou er ook nog wat gelopen worden. Zo gebeurde het dat ik een duurloop ging doen langs een stukje van het Loch Lomond  en wel van Balloch naar Arden en terug. Arden bleek een leuk plaatsje te zijn dus ging ik niet meteen terug , maar eerst eens rustig rondkijken. Voor ik terug ging lopen heb ik in een tea room een pot thee besteld met twee scones. Natuurlijk met jam en clotted cream.  Je kunt je afvragen of dat verstandig is als je weet dat je vlak daarna nog een stuk moet hardlopen. Nou ik kan je zeggen dat ik heerlijk heb gelopen. Energie voor twee. Die vakantie heb ik nog een paar keer gelopen. Meestal een korte inval van zo’n 15 x 200 m , want een vrij stukje van 200 m  is overal wel te vinden. Bij thuiskomst was er nog genoeg tijd voor een paar lange duurlopen. De marathon is toen prima gegaan. Niet op scones met jam en clotted cream, maar op een ontbijt van suikerbrood met roomboter.  Ik liep er een pr op 2:49:27.  Ondertussen was de ringvaart overgegaan in het Spaarne en liep ik op huis aan. Misschien een leuk idee om deze route vanmiddag weer terug te lopen. Volgens mij heb ik nog een gevulde koek liggen die ik dan voor  vertrek kan nemen.