Borstel

De plukken staken alle kanten op. Het was een chaos. Dit was het eerste dat mij opviel toen ik mijn lenzen in had en in de spiegel keek. Ik heb het hier over mijn haar. Ik hoorde de wind gieren. Over een paar minuten zou ik naar buiten gaan voor een duurloopje. Had het zin om een borstel door mijn haar te halen om het in model te brengen wetende dat de wind er in no time weer een chaos van zou creëren. Ik moest denken aan Ronaldo die ik afgelopen week zag spelen. Zijn kapsel is altijd picobello in orde. Zelfs als hij een bal kopt, die nog vaak het doel treft ook, lijkt er geen haartje verschoven. Is je kapsel belangrijk voor je prestatie? Voor alle zekerheid haalde ik er toch maar een borstel door.

Ik had er zin in. De benen voelden goed na een paar dagen hardlooprust. Ik was niet de enige die er zin in had want ik kwam al gauw heel wat lop(st)ers tegen ondanks het onstuimige weer. Heerlijk om de wind door je haar te voelen woelen. De verwachtte chaos was al snel daar. De eerste versnellingen had ik al achter de rug en ik keek uit naar de lage Kadijk. Een smal asfaltpad tussen twee weilanden van zo’n 400 m en gezien de windrichting had ik hem tegen.

400 m. Rechtuit, Het eind in zicht. Start. Daar ging ik. Mijn lichaam gestrekt. Als een snaar gespannen tussen de zwaartekracht en de hemel. De schouders naar beneden en de armen ontspannen , maar niet slap, laten meedansen in de beweging. Mijn buik in en uit voelen gaan door de ademhaling. De heup van het standbeen licht liften zodat de bijbehorende voet als vanzelf van de grond komt en de andere voet met een kort contact onder het lichaamszwaartepunt het asfalt laten raken. Voor ik er erg in had waren de 400 m voorbij.

Ik weet niet of de borstel geholpen heeft , maar ik heb heerlijk en ook best hard gelopen. Nou wil ik komende week nog naar de kapper. Misschien nog even kijken naar het Ronaldo kapsel.

Advertenties

Saai

De lucht is egaal grijs en er valt water uit waar geen kleur in zit. Saai weer dus. Het is zondagmorgen, duurloopmorgen. Ik heb voor vandaag geen spannende training in gedachten. Die spannende trainingen heb ik afgelopen week al gedaan. Vandaag wordt een gewone duurloop. Een beetje saai dat wel. De route die ik ga lopen is niets bijzonders. Ik heb hem al zo vaak gelopen dat ik hem ook zonder mijn lenzen in zou kunnen doen. Nou moet je weten dat ik zonder mijn lenzen pas en boomstronk op het pad zie als ik er al over gestruikeld ben. Saai weer. Saaie route. Eigenlijk is het dus een duurloop van niks.

Als ik begin, begint het ook gelijk harder te regenen. Het is nog opvallend rustig. Op de parkeerplaats stond slechts één auto. Misschien dat het straks nog drukker wordt als de lopers ontwaakt zijn en horen dat de CPC loop vandaag niet doorgaat. Even later als ik op een open stuk ben merk ik dat het begint te waaien. De route die ik loop is een acht en even is daar de verleiding om vlak voor ik aan de tweede lus begin af te slaan en terug te lopen naar het begin, maar ik doe het niet. Ondertussen zingt Morrissey , zanger van the Smiths, ” Will nature make a man of me yet” Op de één of andere manier vond ik The Smiths wel passen bij deze loop met hun melancholische maar ook geestige teksten.

Mijn kleding was ondertussen wel doornat geworden en ik voelde een paar druppels al pogingen ondernemen zich van mijn shirt los te maken om zich dan langs mijn ruggengraat langzaam naar beneden te laten glijden naar mijn bilspleet. Terwijl ik dit gewaar werd zag ik in de verte een hert met vol gewei midden op het pad staan. Werd het dan toch nog spannend. Nee, want toen ik hem naderde liep hij in een soort van verveelde draf van het pad weg en lag er weer een saai lang rechtstuk voor mij.

Eigenlijk liep ik helemaal niet verkeerd. Had een heerlijk rustig tempo. Een rustig ademhaling. Was niet moe. Geen zware benen. Een mooie rustige hartslag. Allemaal top, maar wel een beetje saai. Volgende week maar eens een spannende duurloop doen.

Wipbruggetje

“De natuur met een erectie.”, schreef de Volkskrant vrijdag over een schilderij van David Hockney. Vanmorgen ging ik voor een duurloop de AWD (Amsterdamse Waterleiding Duinen ) in. Volgens mij valt dit onder natuur. Ik ging een duurloop doen van zo’n 15 km en dan pak je toch een mooi stuk van het gebied mee wat misschien de kans op het zien van zo’n natuurerectie zou vergroten.

Ik was wat laat vanmorgen en omdat ik om 10:30 uur had afgesproken voor de koffie, moest ik er flink de vaart inzetten. Vaag herinnerde ik mij een route die ik vroeger als trainer met een loopgroep had gedaan en die wilde ik nu ook weer doen. Dit is, vind ikzelf , een leuke route buiten de gemarkeerde paden met lange onverharde stukken langs water. Het weer was regen, wind en kou. Vooral dat laatste zorgde ervoor dat de kans op het zien van een natuurerectie eigenlijk tot nul gedaald was,

Ondanks het weer liep ik lekker, had er goed de vaart in. Mijn geheugen over de route liet mij bijna niet in de steek. Ik schrijf bijna omdat ik het wipbruggetje was vergeten. Dit is een hangbruggetje dat als je daar hardlopend overheen gaat iedere keer dat je voet neerkomt op en neer gaat en er 100% voor zorgt dat je uit balans raakt. Gelukkig ging het goed en kon ik de reling pakken. De laatste paar kilometers nog even elk heuveltje hard op en ik was mooi op tijd voor de koffie.

Ik weet niet wanneer David Hockney het genoemde schilderij heeft geschilderd , maar dat is vast in een ander jaargetijde gebeurd. Ik denk dat ik maar moet wachten tot de bronsttijd, want dan staat het in de AWD stijf van de erecties.

Chill

Ik was nog maar net over het eerste bruggetje toen ik al naar beneden keek. Naar mijn voeten. Beter gezegd naar mijn schoenen. Had ik misschien mijn wandelklompen aangetrokken in plaats van mijn hardloopschoenen. Het was zaterdagochtend en ik was niet vooruit te branden. Het plan was een kort loopje met een sneller 2 km middenstuk. Nou, dat korte loopje zou zeker lukken, maar door die snellere 2 km ging een vette streep. Ik had het gevoel dat de zwaartekracht vertienvoudigd was en ik niet meer loskwam van de grond.

Ik liep in een heel rustig tempo het jaagpad op. Dit is zo wie zo geen pad om snel te lopen vanwege de smalte, wandelaars, honden en de boomwortels die door het asfalt komen. Achter mij hoorde ik de twee jonge dames die ik even tevoren over de Schalkwijkerweg had zien lopen ook het jaagpad op komen. Één van de twee was aan het vertellen en de ander hoorde ik zo’n beetje om de 10 sec chill zeggen. Aan hun stemvolume hoorde ik dat ze langzaam op mij inliepen en omdat het pad smal was stapte ik even opzij om ze langs te laten. De verteldame voorop en de chilldame er vlak achteraan. Een paar honderd meer verderop zag ik ze chill linksaf slaan.

De lol die ik had om de twee danes had er ook voor gezorgd dat ik iets makkelijker was gaan lopen. Ik kwam weer los van de grond wat maar goed was ook, want anders was ik zeker gestruikeld over één van de vele boomwortels. Na het jaagpad nog even een stukje ringvaart en Molenplas en dan via de Lage Kadijk weer terug. Ik weet niet of het om mij was, maar toen ik hier langs de koeienstal liep hoorde ik opeens een luid geloei. Hadden ze lol om mij. Wilden ze mij gedag loeien. Of was het puur toeval. Het maakt niet uit, want de lol die ik hier om had zorgde ervoor dat ik de laatste 2 km heerlijk ontspannen naar huis liep.

Vanmorgen was een nieuwe ochtend en dat heb ik gemerkt. Niks zware benen. Ik liep heerlijk , bijna als een jonge god , een duurloop door de duinen. Zo zie je maar. Niet teveel blijven hangen in de dag van gisteren, maar gewoon opnieuw beginnen.

Lang

Na de interval trainingen van de afgelopen week had ik vandaag zin in een duurloop. Een duinloop , die ik meestal op zondag doe, zat er vandaag niet in. Gewoon een loop vanuit huis dus. Een lange duurloop. Wat is lang? Daar had ik dus deze lange duurloop alle tijd voor om over na te denken. Ik weet nog dat ik een beginnersgroep trainde en tijdens de eerste training moesten ze een minuut hardlopen. Één van de deelnemers zei toen “wat is een minuut lang”. Later maakte ik voor een ultraloopster een schema en als daar in een week geen duurloop van langer dan 20 km in zat kreeg ik een mailtje van ” goh helemaal geen lange loop deze week”. Daar liep ik dan en hoe meer ik erover nadacht hoe verwarrender het werd. Ondertussen speelden The Eagles het nummer The Long Run .

Ik wilde niet de hele route over asfalt lopen. Nu hoeft dat ook niet, want er zijn voldoende onverharde paden in de buurt. Als ik deze paden kies moet ik altijd terugdenken aan Jim Fixx die in 1977 The Complete Book of Running schreef. In het boek werd ook aandacht besteed aan de gevaren die op de loer lagen voor de hardloper. Één daarvan was de hond. 99% van de honden die ik tegenkom leveren geen probleem op. Er op vertrouwend dat ik die ene 1% niet zou tegenkomen ging ik de onverharde paden op. Toen ik er zo’n 10 km op had zitten moest ik weer denken aan lang. Een sprinter zou badend in het zweet wakker worden bij de gedachte alleen al dat hij de volgende dag 10 km moest hardlopen, terwijl de ultraloper zich nog een keer rustig omdraait want het is maar 10 km.

Ik had sinds oktober vorig jaar niet langer gelopen dan 15 km en omdat ik vandaag een afstand van zo’n 20 km in gedachten had kan ik in ieder geval zeggen dat ik een langere duurloop ging doen. Het weer was fantastisch en ik liep in een heerlijk tempo. Zo’n tempo waarvan je het gevoel hebt dat je het eeuwig ( lang ) door kan lopen. Dat tempo lag vandaag zo rond de 10 km/uur. Dat weet ik omdat ik een stukje met een loopster mee liep die vertelde dat ze 10 km/uur liep. Verder vertelde ze dat er voor haar in het schema voor vandaag een lange duurloop op het programma stond. 10 km.

Ik vind het altijd lekker om de één na laatste km wat sneller te doen en dan de laatste km rustig uit te lopen. Thuis gekomen zag ik dat ik rond de twee uur gelopen had. Is dat kort, middellang of lang? Ik laat dit graag aan u over.

?

Ik hoorde de bladeren ritselen achter mij op het pad waar ik net overheen ben gevlogen. Ik ben bezig met een duurloop. Geen rustige , maar een snelle. Hoe snel? Dat weet ik niet, want het einde is nog niet in zicht. Ik doe één van mijn favoriete rondjes. De eerste kilometers zitten erop en ga nu aan een stuk beginnen met veel kleine bultjes. Elk bultje vlieg ik op. Ik ga soms nog harder erop dan eraf. Ik vlieg bijna, zo hard ga ik. Een paar herten vragen zich af wat er voorbij komt gevlogen, want een vogel ben ik niet. Een snelheidsmeter heb ik niet bij me, maar ik heb het gevoel dat ik nog nooit zo hard heb gelopen. Ik ga beginnen aan de laatste 4 km. De eerste 2 hiervan lopen langs een hek. Vroeger noemden we dit de oostblokroute, zolang loop ik dit rondje al. Nog één duiningang passeren en dan de laatste twee km alles eruit naar het eindpunt. Dan zie ik door de bomen het wit waar ik moet zijn. Nog 300m. Ik doe er nog een tandje op. Mijn voeten raken de grond niet meer. Ik vlieg de laatste bocht door en …………

Bzzzz bzzzz bzzzz. Ik doe mijn ogen open en draai mij om. Mijn hand gaat automatisch naar de uit-knop van de wekker. Het dekbed ligt chaotisch op het bed. Mijn benen eronder uitstekend. Was het een droom? Hoewel ik niet bezweet ben voelt mijn lichaam als alsof ik een topinspanning heb verricht. Ik draai mij om en trek het dekbed over mij heen, want de training heb ik al gehad. Straks de stad in en ergens gaan zitten om de verbruikte energie aan te vullen.

Wel of Niet ?

Aan de auto’s die door de straat reden hoorde ik dat het nat was buiten. De banden die door de straat rolden maakten een soort waterig geluid. Zelf lag ik nog in bed. Warm, droog en in een houding die ik nog uren vol kon houden. Het was zaterdagmorgen en tijd voor een hardlooprondje. Het geluid dat ik hoorde nodigde niet echt uit om op te staan en de hardloop outfit aan te trekken. Een ritmisch gesnurk kwam van onder het bed, waar een kater op zijn pluche matje lag. Die had niet het dilemma wel of niet opstaan. Eigenlijk had ik ook geen dilemma, want ik wist dat ik mij na het rondje hardlopen heerlijk fit zou voelen. Dus eruit.

Het was een grauwe ochtend. Het regende niet echt, maar er zat een hoop water in de lucht. Genoeg om na een uur hardlopen net zo nat te worden als na vijf minuten in de regen. Dit was geen belemmering om te gaan hardlopen, want ik wilde een paar snellere stukjes in mijn rondje doen, wat de zweet productie zou opvoeren en ik dus zo wie zo nat zou worden. Al gauw kwam ik erachter dat ik niet de enige was die de keuze om wel te gaan hardlopen had gemaakt, want ik kwam menig loopmaatje tegen.

Het is niet altijd wel, want afgelopen week was ik ook tegen een niet aangelopen. De sneeuw was weg en ik dacht een fijn stukje te gaan lopen. ik had een vrije dag en het was net licht geworden. De schoenen aangetrokken en naar buiten. Ik wilde een klein rondje, ruim 6 km, gaan lopen voor het ontbijt. Al snel merkte ik dat het lopen anders ging. Er was weinig grip met de grond. Een stukje verderop zag ik een hond een bruggetje over rennen, maar toen hij er over was en een haakse bocht naar rechts wilde maken schoof hij rechtdoor het grasveld op. De verwondering in zijn ogen toen hij tot stilstand was gekomen over wat er gebeurd was maakte mij aan het lachen, maar was tegelijkertijd een waarschuwing. IJs op de weg. Toch nog even doorgelopen maar kwam al snel tot de ontdekking dat dit een niet was. Voorzichtig terug naar huis.

Zaterdagochtend was dus een wel en ik had er geen spijt van. De versnellingen gingen steeds makkelijker en sneller. De laatste kilometer rustig uit gelopen en thuis de natte kleding uitgetrokken. Jogging pak aangetrokken en op de bank een cappuccino drinken met de kater naast mij. Snurkend op de bank.