Tempo album

Opeens hoorde ik mijn naam. Het was een bekende stem. Ik keek over mijn linkerschouder en herkende een loopmaatje in de loper die ik net aan de andere kant van de weg was gepasseerd. Ik hield even in, stak de weg over en ging naast hem lopen. Na een kort praatje gingen we weer uiteen, want we hadden allebei ons eigen trainingsplan. Ik ging verder met het zoeken naar het juiste tempo dat ik voor deze training in gedachten had.

Regelmatig probeer ik iets nieuws uit in mijn hardlooptrainingen. Zo ook dinsdagavond. Ik had die dag het nummer Under the Milky Way van the Church gehoord en ontdekte dat dit nummer op hun album Starfish stond. Op mijn muziek app ontdekte ik dat dit album 46 minuten duurt. Ik wilde dinsdagavond een tempo duurloop gaan doen en het idee was daar. Ik ging een tempo duurloop doen op het album Starfish . Het eerste nummer inlopen. Het tweede nummer op zoek naar het tempo dat ik in gedachten had en dan dat tempo doorlopen tot het einde van het album.

Nu zat ik nog met één klein probleempje. Het tempo. Wat was op dit moment een realistisch haalbaar tempo zonder dat ik na afloop voor dood thuis op de bank zou neerploffen? Na enig beraad met mijzelf, mijn schoenen en de registratie van mijn trainingen van de afgelopen weken kwam ik uit op een tempo van rond de 4:40 min / km.

Het waren prima omstandigheden voor de training die ik in gedachten had. De eerste km met een 5:20 min/km niet te gek begonnen. Tijdens de tweede kilometer, waarin ik op zoek ging naar het 4:40 min/km tempo, had ik de ontmoeting met het loopmaatje. Ik vond het contact met dat loopmaatje belangrijker dan mijn training en hield daarom even in voor het korte praatje. In km 3 had ik mijn tempo bijna te pakken. 4:31 min/km. Iets te snel, maar met een klein beetje bijsturen zat ik op het juiste tempo. Het tempo voelde prettig snel zonder dat ik hoefde te hijgen. Onderweg kreeg ik nog een complimentje van twee jonge dames op de fiets over mijn tempo. Altijd leuk en motiverend. De laatste tonen van het album klonken en na 45:30 min werd het stil. Ik had 9,67 km gelopen in een gemiddeld tempo van 4:42 min/km . Helemaal voldaan liep ik nog een stukje uit en viel thuis niet voor dood op de bank.

Dit is zeker een training die voor herhaling vatbaar is. Nu nog een paar leuke tempo albums uitzoeken. Wel even uitkijken dat het geen dubbelalbum is.

Twijfel

Het was donker, windstil, de krekels waren in het park helemaal losgegaan en de warmte was nog volop als hittegolf aanwezig. De poes had zich net ook het balkon opgesleept en zich op de stoel tegenover mij omhooggetrokken en had zich laten vallen op het kussen en al en tijdje niet bewogen. Ik was op mijn iPad met een aantal mensen wordfeud aan het spelen toen mijn gedachten afdwaalden naar een appje dat ik had ontvangen. Het was van een loopmaatje. Of ik zondag zin had om een duurloop van 20 km mee te lopen. Nou ben ik altijd wel in voor een duurloop dus ik had gelijk een appje teruggestuurd , leuk, ik ben er, maar moest nu ik hier zo op mijn balkon zat toch aan de temperatuur denken. Het zal toch niet zo….. , nee het moest een keer afkoelen. Wat dus ook gebeurde.

Vanmorgen dus naar de duinen gegaan voor de 20 km. We zouden om 08:00 uur beginnen. Het was nog een beetje onduidelijk hoeveel loopmaatjes er mee zouden lopen, maar uiteindelijk waren we met z’n vieren. De temperatuur was prima. Er stond een licht windje en de zon was verscholen achter de wolken. Ideaal voor een 20 km duurloop. De drie loopmaatjes waren in voorbereiding op de Amsterdam marathon en net met hun schema begonnen. Hoewel het allen ervaren lopers zijn was er toch enige twijfel over deze 20 km. Hoe zou dat gaan, want ze hadden al in geen tijden de 20 km meer aangetikt. Al pratende over de twijfel , over het schema, over een duurloop verderop in het schema niet kunnen doen, liepen we de kilometers weg.

Na 9 km kwamen we bij het eerste kraantje, want bij het uitzetten van de route had ik toch in mijn achterhoofd gehad de temperatuur en de route zo gepland dat we langs twee kranen kwamen. De eerste 10 km zaten erop en iedereen voelde zich nog goed. Toen kwamen de verhalen dat je eigenlijk altijd meer kunt dan je denkt, ondersteunt uit ervaringen van eerdere marathons die ze gelopen hadden. Zo liepen we lekker door. Het was zeker geen makkelijke route. Afwisselend verhard, onverhard en menig onverhard pad was door de droogte zanderig geworden. Ook zaten er flink wat heuvels in, maar met mijn argument als ze dit parcours konden lopen ze in Amsterdam over het asfalt zouden vliegen begonnen we aan de laatste kilometers. Alle twijfel over het kunnen uitlopen van de 20 km was verdwenen. Ook het extra lusje waar nog een pittig stukje omhoog in zat werd zonder morren genomen. Nou ja, één loopmaatje had even een zetje in de rug nodig, maar toen de koffietafel in zicht was deed ze er een tandje bovenop en kwam als eerste aan. Je kunt meer dan je denkt

Ik moest tijdens het lopen denken aan het boek van Joris dan denBergh – Mysterieuze Krachten in de Sport. Vanmorgen heb ik daar weer een mooi voorbeeld van gezien.

Hoe oud ?

“Hoe oud?”. Ik had de vraag “Hoeveel?” verwacht, maar nee dus. Ik was een zuivelwinkel binnengelopen en werd aangesproken door een jongeman die mij vroeg of hij mij kon helpen. Ik vertelde hem dat ik een zakje geraspte oude kaas wilde en toen kwam dus de hoe oud vraag. Ik had er nooit bij stilgestaan dat er een verschil was in oud wat betreft kaas. De jongeman had dat snel door, pakte een stukje kaas en vroeg “zal ik deze voor u doen?”. Ik stemde gelijk in met zijn voorstel. Toen kwam natuurlijk nog de hoeveel vraag. Daar had ik ook niet bij stil gestaan en maakte met mijn handen een beetje onhandige beweging waarmee ik de grote van het zakje wilde aangeven. De jongeman keek mij nog een seconde of drie aan en zei toen ” ik ga wat voor u raspen” en een paar minuten later kwam hij terug met een zakje geraspte oude kaas.

Vanmorgen heb ik een lange duurloop gedaan. Nu hoor ik u gelijk denken “Hoe lang”. Een goede vraag die mij aan het denken zet. Is de afstand die ik heb gelopen lang genoeg om het een lange duurloop te noemen? Ondertussen heb ik begrepen dat als kaas 10 maanden gerijpt heeft dat het dan oude kaas mag heten. Dit is geen wettelijke regeling , maar een afspraak. Zouden we dan ook zoiets af kunnen spreken voor de duurloop, bijvoorbeeld dat het na 10 km een lange duurloop mag heten.

Het was heerlijk loopweer vanmorgen. Zon, een licht briesje en een graadje of 18. Ik had er al een leuk rondje opzitten en was op de terugweg. Ter hoogte van de Lage Kadijk kwam er een hardloper aan die een paar meter voor mij ook het weggetje langs de Molenplas op wilde. Dat is een vrij scherpe bocht en hij struikelde bijna. Ik maakte een opmerking en we raakten aan de praat. Hij vertelde me dat zijn huisarts vorig jaar hem het advies had gegeven om wat meer te bewegen en dat hij begin dit jaar was begonnen met hardlopen. In het begin was het lastig geweest om de discipline op te brengen, maar nu liep hij drie keer in de week en voelde zicht beter dan ooit. Vandaag liep hij een rondje van 7 kilometer en hij had nooit gedacht dat hij zo’n lange afstand kon hardlopen.

Na dit gesprek heb ik gelijk een streep gezet door de eerder genoemde 10 km en ook maar gelijk door het woord lang. Ik heb vanmorgen een duurloop gedaan van 15 km en ik laat het aan de lezer over of die daar een kwalificatie aan wil geven.

Hoe snel?

Weekmarathon

Op dag 5, afgelopen vrijdag, was mijn Apple Watch van slag. Dit doet Henny anders nooit dacht hij. Vijf dagen achter elkaar dezelfde route en afstand lopen. Dus ging hij nadenken. Dat krijg je met die high tech apparaten die vol zitten met kunstmatige intelligentie. Zo dacht hij, “normaal loopt Henny na een paar korte afstanden altijd een langere afstand dus dat zal nu ook wel het geval zijn. Weet je wat, ik plak er een kilometertje aan”. Echter omdat hij niet met de tijd kon manipuleren liet hij mij wat snellere kilometers lopen en liep ik onder andere een kilometer in 3:00 min. Leuk, maar niet de bedoeling. s’Avonds een goed gesprek gehad met Siri (Apple’s virtuele assistent) dat hij geen dingen uit eigen beweging moest doen, maar eerst overleggen. Daarna ging het weer goed. Hij bleek te kunnen leren.

Hardloopideeën ontstaan bij mij vaak tijdens het hardlopen en zo ook afgelopen maandag. Ik moest tijdens mijn loopje denken aan een aantal loopmaatjes die dit najaar de Amsterdam marathon gaan lopen. Jaren geleden heb ik hem ook een paar keer gelopen en na één van die keren vroeg iemand mij “Heb je die in één dag gelopen?” Toen deed ik er nogal lacherig over, liep hem in 2:50 uur, maar nu dacht ik “waarom ook niet?” Ik had een leuk rondje en als ik dat 7 dagen achter elkaar zou lopen had ik er een mooie marathonafstand opzitten met eigenlijk alleen maar voordelen.

Om te beginnen hoef ik er niet voor te trainen en ik denk dat menig hardloper al snel in staat is om dit ook te doen, zeker als je snelheid ondergeschikt maakt en op praattempo dit samen met bijvoorbeeld een loopmaatje gaat doen. Ik heb de doordeweekse 6 km’ters na het werk gedaan. Ik ben de hele dag binnen en dan vind ik het lekker om naar buiten te gaan. Behalve gezond eten vraagt het niets extra’s aan voeding. Geen spierpijn na het lopen en op de beruchte 2e dag na de marathon. Hoewel ik voor dat laatste natuurlijk nog even moet afwachten hoe het dinsdag is. Eigenlijk zie ik geen nadelen en is voor mij de weekmarathon geboren, die ik zeker vaker ga doen.

Het lopen ging na de eerste etappes steeds makkelijker. Ik was in een ritme gekomen Vanmorgen de laatste etappe gedaan. Ik voelde mij superfit en het lopen ging als vanzelf (zie tabel hieronder) Na een marathon nam ik altijd enige tijd rust. Na deze weekmarathon denk ik dat één dag , misschien twee, voldoende is en mijn hardloopschoenen weer kan aantrekken en van het buiten zijn genieten.

Tussen 1896 en 1920 is de marathonafstand regelmatig veranderd. De officiële afstand van de marathon zoals die tot heden geldt, werd voor het eerst gelopen bij de Olympische Zomerspelen 1908 in Londen. Toen werd de oorspronkelijke afstand van 25 mijl verlengd naar 26 mijl, dit om louter organisatorische redenen ten gevolge van een verzoek van het Britsekoningshuis. Ik heb nu ook de vrijheid genomen de afstand iets te wijzigen, dit om louter organisatorische redenen vanwege het leuke rondje dat bij mij voor de deur begint en eindigt.

Topsporters

Thuis lopen een paar katten rond. Nou ja lopen? Ze slepen zich voornamelijk door het huis en dan van slaapplek naar etensbak en terug en op de terugweg storten ze soms ook alweer neer alvorens ze hun slaapplek bereiken. Je kunt immers overal slapen. Het liefst slapen ze op een plek waar jij dan graag zit of op een plek waar je iedere keer langskomt, zodat je over ze heen moet stappen. Komen ze verder dan helemaal niet in beweging? Oh jawel. Hun “training” is van 04:30 uur tot 06:00 uur en laat hun favoriete rondje nu juist door de slaapkamer gaan onder het bed door en via de badkamer door de hal weer terug de slaapkamer in. Samengevat bestaat hun daginvulling uit slapen , eten en even trainen. Ik herinner me nog een uitspraak van Lornah Kiplagat dat haar dag bestond uit 16 uur rust , eten en trainen. Ook andere topsporters heb ik gehoord over deze dagindeling . Eigenlijk heb ik thuis een paar topsporters en moet ik niet klagen maar trots op hun zijn.

Vanmorgen, nadat de topsporters in huis hun training hadden gedaan en hun eten hadden gekregen, want ze willen na hun training graag eten, ben ik naar de duinen gegaan waar ik om 09:00 uur had afgesproken met een loopmaatje. Ze wilde graag een rondje van 12 km lopen. Later begreep ik dat ze eigenlijk 21 km op iets van een schema had staan in voorbereiding op een marathon, maar 12 km was nu ook wel lekker. Ach het zijn dezelfde getallen. Volgende week even omdraaien en alles is weer ok. Er sloot zich nog een loopmaatje bij ons aan die ook wel oren had naar 12 km, maar niet wist of ze dat vol zou houden. Ik zei tegen haar “loop gezellig mee, ik weet nog wel een kortere route voor het geval dat”.

Zo vertrokken we, gezellig babbelend, aan de 12 km. Zelf begin ik altijd in een heel rustig tempo, maar de dames hadden hier duidelijk andere ideeën over en in een pittig tempo vertrokken we. Na een paar honderd meter zakte het tempo in en kwamen we alsnog in een rustig duurlooptempo. We liepen een route over onverharde paden met wat kleine heuveltjes. Het gezellige babbelen ging gewoon door en door. Ook de heuveltjes op. Over de kortere route hebben we het helemaal niet meer gehad. Na 5 kwartier waren we weer terug en gaven we elkaar een high five. We hadden heerlijk gelopen.

Mocht je twijfelen over een afstand of die kunt lopen. Zoek één of meer loopmaatjes. Loop rustig ( je mag het gevoel hebben dat je langzaam gaat ) en ga lekker babbelen. Je kunt dan vaak meer dan je denkt.

Ik had vanmorgen nog wel een klein probleempje, want één van de topsporters thuis was neergeploft met mijn hardloopschoen als kussen. Na enig geduld en wat rammelen met het etensbakje had ik mijn schoenen weer terug. Even later hoorde ik gesnurk uit de slaapkamer en daar lagen ze.

Duik

Ik stond aan de waterlijn toen het eerste golfje mijn voeten omspoelde en ik het zand eronder weg voelde spoelen. Rustig liep ik door het water in. Afgelopen week had ik iemand horen klagen over de vele kwallen die in het water zaten, maar voor zover ik kon zien waren ze vertrokken. Misschien lagen ze wel verscholen om als er een mens voorbij kwam toe te slaan. Het water was nog best fris. Langzaam liep ik door af en toe omkijkend naar mijn spullen. Er waren nogal wat meeuwen op het strand en je weet maar nooit. Het water was ondertussen tot boven kruishoogte gekomen en ik voelde een zeker lichaamsdeel gelijk kleiner worden. Plotseling denderde een stukje links van mij een man het water in onder het uiten van een flink gebrul waar menig tennis(st)er jaloers op zou zijn. Dit deed mij besluiten om de duik te nemen en ik verdween met mijn hoofd onder de golven. De rust was teruggekeerd.

Ik was een uur ervoor begonnen aan een duurloop met als plan eerst zo’n 10 km te lopen dan een duik te nemen en dan 6 km terug naar het beginpunt. Afgelopen vrijdag had ik een hardloopclinic gegeven aan collega’s waarvan de meesten nog weinig tot geen ervaring hadden met hardlopen. Ik benadrukte regelmatig dat ze vooral langzaam moesten lopen in de naar mijn idee goede looptechniek die ik ze tijdens de clinic uitlegde en waarmee ze oefenden. Eigenlijk best gek om tijdens een clinic HARDlopen de mensen leren LANGZAAM te lopen. Ik moet toch nog eens nadenken over de term hardloopclinic.

Ik begon mijn duurloop vanmorgen dus ook in een langzaam lopen tempo. Ik had geen meetapparatuur om dus kan niets vertellen over hartslag, snelheid enz. , maar in het begin liep ik gelijk op met een paar wandelaars die zo’n 50 m voor mij liepen. Na een paar minuten liep ik langzaam op ze in en omdat het in mijn tempo best wel lang duurde voor ik ze voorbij was kon ik hun gesprek volgen . Het ging over het damesvoetbalelftal en ze waren boos dat het vooral mannen waren die het beter wisten. Die wel even vertelde hoe het moest. Ik besloot als man om mijn tempo toch maar iets te versnellen. Zo liep ik door en kwam een uur later op het strand aan.

Na mijn eerste duik bleef ik nog een paar minuten in het water liggen, voor ik het strand weer opging en mijn kleding aantrok voor de 6 km terug. De zon was ondertussen ruim boven de duinen gekomen en gaf een behaaglijke warmte af die het bovengenoemde lichaamsdeel weer zijn normale afmeting gaf. Met de wind in de rug en de zon in het gezicht liep ik naar het beginpunt waar ik een paar loopmaatjes zou ontmoeten die hun eigen duurloop hadden gedaan. Onder het genot van een pannenkoek hebben we onze loopverhalen uitgewisseld.

Vrijheid

Ik hoorde ze aankomen en een tel later kwam het groepje mij voorbij rennen. Vlak voordat ze bij de trap waren verplaatsten ze zich als een zwerm spreeuwen naar links en renden de volgende trap op. Even later zag ik een dame rondkijken en toen ze mij zag kwam ze naar me toe rennen en begon in het Frans tegen mij te praten. Nou is mijn Frans uitermate beperkt, maar ik verstond wel het woord Thalys . Ik vulde maar in dat ze op zoek was naar het perron waarvan de Thalys zou vertrekken. Waarom ze naar mij kwam was mij onduidelijk , want er waren genoeg medewerkers van de NS aanwezig die ook duidelijk herkenbaar waren. Toevallig hoorde een omroepbericht dat meldde dat de Thalys van spoor 15 zou vertrekken. Ik probeerde dat aan haar te vertellen en zei ” Thalys, plateforme quinze” Ze keek mij nog een paar seconden in de ogen en rende toen op haar naaldhakken ,wat ik trouwens behoorlijk knap vond, naar perron 15. Een klein reiskoffertje achter haar aantrekkend. Dit alles speelde zich gistermorgen af op station Amsterdam-Centraal. Ik was daar net aangekomen op weg naar het Bimhuis waar ik een tv opname ging bijwonen van het Filosofisch Kwintet. Dit seizoen hebben ze het over woorden waar we mee worstelen en deze keer het woord vrijheid. Worstelen werd het.

Ik worstel ook wel eens met het woord vrijheid in relatie tot hardlopen. Ik zeg vaak “ik loop in alle vrijheid” of “ik loop waar ik zin in heb”, maar is dat wel zo? Het begint al met de omschrijving wat vrijheid is. In een eerste opwelling zeg ik ” doen waar ik zin in heb zonder beperking” , maar moet daar al gauw een streep door zetten. Als ik dat vertaal naar hardlopen dan kan ik elke dag wel zin hebben om een pittige training te doen, maar mijn lichaam is mijn beperking. Die ziet me al aankomen en ik weet op voorhand al dat hij naar een paar dagen het loodje moet leggen en ik met een blessure zit. Datzelfde geld voor de afstand die ik wil lopen. Wat te zeggen van alle verschillende cursussen die ik heb gedaan met betrekking tot looptechniek. Poserunning, Chirunning ,gentlerunning, BK methode enz. Ik ben vrij om daar een keuze in te maken, maar hoe objectief is die? Sinds kort loop ik met een Apple Watch en daarop zie ik mijn hartslag, afstand, snelheid en nog veel meer. In hoeverre beïnvloeden die mij. Zo kan ik nog wel even doorgaan. Loop ik in vrijheid? Kan ik wel in vrijheid hardlopen? Wil ik wel in vrijheid hardlopen? Vragen waar ik lekker mee ga worstelen en jullie via deze blog over op de hoogte hou.

Vanmorgen een duurloopje gedaan. Het beloofd een warme dag te worden dus niet te laat vertrokken en omdat het toch al warm was ook het tempo niet teveel laten oplopen. Ik had mijn Apple Watch om , maar had mij voorgenomen er niet op te kijken. Echter na een aantal kilometer gelopen te hebben voelde ik het tikje dat er weer een kilometer voorbij was en in een reflex keek ik toch, kilometertijd 4:53 minuut. Ik voelde mij goed en het liep lekker weg. Ik merkte wel dat het snel warmer werd dus een streep door het lusje om de Poelpolder.

Het mooie weer maakt de mensen blijer lijkt het wel. Ik kwam al aardig wat hardlopers en wandelaars tegen die mij vrolijk een goede morgen wensten. Voor een aantal honden was het echter al te warm en die bleven in het gras liggen als ik voorbij kwam of ze vonden het zo wie zo te warm om een sprintje te trekken. Meestal bleef het bij een blaf.

Ik weet dus nog niet of ik vanmorgen in alle vrijheid heb gelopen, maar lekker gelopen heb ik in ieder geval. Oh ja, toch nog even het lusje rond de bloemenkiosk meegenomen om de 13 km vol te maken.

Soms

Soms denk ik wel eens “waarom doe ik dit nu”? Zo ook zaterdagochtend. Het weer was natuurlijk belabberd. Wind, regen, maar geen code meer. Het sein stond op veilig . Code groen. Dus in plaats van warme croissantjes, verse sinaasappelsap en thee gingen de hardloopschoenen aan en naar buiten.

Eigenlijk ging het al gelijk een soort van mis. Ik was amper 50 m op weg toen ik rechtsaf sloeg in het park en struikelde over één van de vele takken die door de wind s’nachts van de bomen was gewaaid. Ik kon mij nog net staande houden en kwam tot stilstand vlak voor een man die zijn hond uitliet. “Misschien kun je maar beter stoppen” zei hij. Ik knikte en zei dat dat misschien geen verkeerd idee was, maar dat ik toch nog een stukje door ging. Het begon licht te regenen, maar met de harde wind voelde dat al gauw meer dan licht en ik besloot over het jaagpad te gaan. Liep ik een paar kilometer enigszins beschut. Zie ik een groep wandelaars de weg oversteken en het jaagpad ingaan. Paraplu’s op, waarvan de meeste natuurlijk alle kanten door de wind opgeblazen werden, regenpakken aan en een aantal hadden een hond aangelijnd. Zo liepen zij breed uit het jaagpad in. Nou ja, breeduit, voor zover dat mogelijk is , want het jaagpad is maar één persoon breed. Het vooruitzicht deze groep wandelaars te moeten passeren, vergelijkbaar met over rotsblokken klimmen op een bergpas, deed mij besluiten rechtdoor over de weg te gaan.

Ik hoopte dat deze groep wandelaars een op zich staande groep was en geen onderdeel van een wandeloptocht, want een kilometer verder was er nog een mogelijkheid om het jaagpad te pakken. Eenmaal op het pad aangekomen heb ik geen wandelaars meer gezien. Zelfs de bewoners van de woonboten en diverse tuinhuisjes lieten zich niet zien wat niet zo verwonderlijk was want het was meer dan licht gaan regenen en de wind zocht vrolijk zijn weg over het pad. Natuurlijk tegen. Een stukje verderop zag ik een paar eenden die beschutting hadden gezocht onder een afdakje en op het weilandje hadden de koeien beschutting gevonden achter een struikje. Het zou mij niet verbazen als hier een strijd vooraf gegaan was, want er konden maar drie koeien geheel achter de struiken en voor de rest , een stuk of 6, was het toch wat behelpen. Kont of kop in de wind.

Zo liep ik door, want ik wist dat straks het genot zou komen. Wind in de rug. Toen ik even later langs de Ringvaart naar de molen liep veranderden de regendruppels in regenstralen , vergelijkbaar met een douche. Het water op het pad kon zich zo gauw geen weg naar de berm vinden en ik liep dus te soppen in een soort van beekje. Mijn voeten plonsden in mijn schoenen. Dit was het moment dat ik dacht “waarom doe ik dit nu”? Het antwoord kwam vrij snel na die vraag, want even later werd het droog. Nou niet helemaal droog, maar vergeleken met de waterval van een paar minuten daarvoor wel. Ik had nu de wind in de rug en kwam een paar andere lopers tegen. We staken bij het passeren even die hand op ter begroeting en wierpen elkaar een blik toe van herkenning en erkenning. Ik voelde de energie in mijn lichaam toenemen en ging steeds sneller lopen. De laatste paar honderd meter waren bijna een sprint. Waarschijnlijk omdat ik dacht aan de croissantjes, sinaasappelsap , thee en een warme douche. Thuis gekomen voelde ik mij prettig moe en vol energie om de dag in te gaan. Dat is waarom ik het doe.

Gelukkig had ik nog een paar papieren kranten om in mijn natte schoenen te doen. Ouderwets, maar volgens mij nog steeds de beste manier om je schoenen droog te krijgen voor de volgende dag.

Achterkant

Opeens was ze daar. Nou ja, opeens. Ze was uit het park de weg opgelopen, maar omdat alles zo dicht begroeid was had ik haar niet gezien en was ze er als het ware opeens. Ze liep zo’n 20 meter voor me in een heerlijk rustig tempo. Haar korte licht grijzende paardenstaart bewoog zich gezellig op haar pasritme. Ze droeg, vond ik, een mooie outfit. Een zwarte tight met lichtblauwe belijning en een bijpassend lichtblauw shirt die beide mooi om haar lichaam sloten, maar niet te strak zodat ze vrij uit kon bewegen. Een paar korte sokjes en blauwe schoenen maakten het compleet. Ze was iets kleiner dan mij , maar wel wat steviger gebouwd zonder dik te zijn. Ze had twee witte oortjes in en ik vroeg mij af waar ze naar luisterde. In gedachten hoorde ik Long Hot Summer van the Style Council. Waarschijnlijk ingegeven door het zomerse weekend.

Behalve dat ze, als ik zo vrij mag zijn, voor mij aangenaam was om naar te kijken, was ik geboeid door haar looptechniek. Ze liep als vanzelf, schijnbaar zonder er iets voor te hoeven doen. Precies zoals ik de laatste jaren dat ik training gaf probeerde over te brengen aan de lopers, wat ik trouwens nog steeds bij hun terugzie als ik ze tegenkom. Ontspannen maar met kracht. Snelle beweging maar niet gehaast. De bewegingen staan niet los van elkaar maar vloeien samen tot één beweging. Een genot om naar te kijken. Zo liep deze loopster ook. Moeiteloos naar het mij leek. Nou heb ik de indruk dat vrouwen zo wie zo makkelijk lopen dan mannen. Meer natuurlijk en niet het houterige van menig man (Sorry mannen)

Zo liepen we rustig een tijdje door. Zij voorop en ik daar een meter of 20 achteraan. We liepen rond de 9,5 km//uur wat ik helemaal geen straf vond. In tegendeel zelfs. Het is een tempo dat ik heel lang vol kan houden en ik ben het heel eerlijk gezegd ook steeds meer gaan waarderen als mijn lange duurlooptempo. Ik heb dan de tijd om rustig rond te kijken en de dingen in mij op te nemen.

Opeens was ze weg. Ik was even afgeleid door een kat die door het gras sloop naar een vermoedelijke prooi. Tijdens dit moment was zij rechtsaf geslagen, een onverhard pad in naar het Spaarne. Ik zag nog net haar achterkant toen ik er voorbij liep. Al die tijd heb ik alleen maar haar achterkant gezien. Heel even ging de gedachte door mijn hoofd of zij van mij training had gehad, maar de kans is natuurlijk ook groot dat het haar natuurlijke loop is.

Leuk om te merken wat zo’n “ontmoeting” met me doet, want ik krijg zomaar zin om weer iets met hardlopen (trainingen) te gaan doen. De ideeën borrelen in mijn hoofd omhoog. Mooi voor na de zomervakantie

(Foto van vorige zomer)

Rups

“Hallo meneer, mag ik u iets vragen” hoorde ik opeens. Ik was bezig met een rustig duurloopje in de duinen. Ik had mijn nieuwe schoenen aangetrokken en wilde daarmee niet gelijk een lange duurloop doen. Ik vind het altijd prettig om mijn lijf eerst te laten wennen aan nieuwe schoenen en doe dat het liefst met korte duurlopen op onverharde ondergrond. Daarom had ik besloten om vanmorgen mijn 12 km rondje door de Amsterdamse Waterleiding Duinen (AWD) te gaan lopen. Ik was 5 km onderweg toen ik de bovengenoemde vraag hoorde.

Ik keek rond wie die vraag stelde, maar kon niemand ontdekken. “Hallo, hier beneden” hoorde ik zeggen. Ik keek naar beneden en zag een rups die omhoog keek. Onze blikken ontmoeten elkaar en ik zei , enigszins verbaasd, natuurlijk mag je mij iets vragen. “Waarom lopen al die mensen hard?”

Goeie vraag. Iedereen heeft zijn eigen reden om te gaan hardlopen. De één wil sneller lopen in een wedstrijd, een ander vind het gezellig om in een groep te lopen voor het sociale contact, maar de meeste zijn denk ik de gezondheidslopers. Zij zitten de hele dag binnen en dit is een mooie manier om naar buiten te gaan en in beweging te zijn. Vroeger was ik ook een wedstrijdloper en moest de training iedere keer sneller en sneller. Ik woonde toen in een oud huis op de tweede verdieping ik had mij wel eens zo leeg gelopen dat ik bij terugkomst een tussenstop moest maken bij een huisgenote op de eerste verdieping. Wat dan weer helemaal niet vervelend was. Tegenwoordig ben ik een gezondheidsloper en loop ik waar ik zin in heb zonder een moeten van afstand, tijd en snelheid en ik beleef gewoon plezier aan hardlopen. Soms heb ik even geen zin , maar als ik dan bezig ben slaat dit gevoel altijd om naar fijn dat ik hardloop.

We liepen samen een stukje op. Ik had geen haast en we moesten allebei dezelfde kant op. “Waar ga je heen rups?” Vroeg ik. “Ik ben op weg naar de familie slak voor een kopje lekkers”. “Hoe laat heb je bij hun afgesproken, want heel eerlijk gezegd in dit tempo gaat het nog wel even duren” “Wij spreken nooit een tijd af. Ik ben er gewoon als ik er ben en dan maakt slak een kopje lekkers”

We liepen door tot aan het kruispunt. Rups moest rechtdoor en ik linksaf. We wensten elkaar een mooie dag en gingen ieder onze weg vervolgen.