Gasthond

Ik was net de hoek om toen ik hem zag. Ruim 100 m voor me. Hij zag mij ook. We keken mekaar recht in de ogen. Die van mij enigszins bevreesd en die van hem verlangend mij te ontmoeten. Hij was van boven gemiddeld formaat met een schoft (schouder) hoogte ter hoogte van een menselijke heup en een kop die daar nog ver bovenuit stak. Ik zag de lijn waarmee zijn baas hem bij zich hield strak gespannen staan. Zij stonden stil omdat de baas in gesprek was met iemand op het water. Gelukkig liep ik niet het tempo van Usain Bolt dus ik had nog even de tijd voordat ik de 100 m overbrugd had en dus nog even na kon denken hoe ik het er voorbij gaan aan zou pakken.

Ik was vertrokken voor een rustige duurloop. Sinds kort heb ik een apple watch en vind ik het leuk om af en toe weer eens op hartslag te lopen. Deze keer wilde ik mijn hartslag niet boven de 120 laten komen ( zal binnenkort weer een kijken wat mijn maximale hartslag op dit moment is ), en had een route in gedachten van zo’ n 12 km. Het liep eigenlijk geheel volgens plan tot ik de bovengenoemde hoek omging. Ik liep over een smal onverhard pad langs de Molenplas die op dat moment overging in de Ringvaart toen ik de bovengenoemde hond zag. Hoewel ik wekelijks over dit pad loop en ook op wisselende tijden had ik deze hond nog nooit gezien. Misschien was het een gasthond.

Mijn hartslag was opeens omhoog gegaan en ik wist dat hij pas omlaag zou gaan als ik er voorbij was. Veel keuze had ik niet. Het pad was nog geen meter breed met aan beide zijden een smal strookje gras waar ik gebruik van kon maken. Nog 50 meter te gaan. Zij stonden nog steeds op dezelfde plaats en plotseling kwam er een éénmalig geluid uit zijn bek. Niet een kleine waf, maar een grote WOEF. Mijn blik had ik negerend gericht op het pad achter hem. Nog 25 meter. Zijn baas werd even afgeleid van zijn gesprek door de grote WOEF., keek naar mij en gaf een kort ruk aan de lijn. De gasthond ging in het gras zitten en toen ik bij hem was zag ik eigenlijk alleen maar vriendelijke nieuwsgierigheid in zijn ogen. Ik knikte naar de baas en zijn gesprekspartner en vervolgde mijn weg over het pad langs de Ringvaart.

Advertenties

Marathonfit

“Ik wil dan graag marathonfit zijn” zei één van mijn loopmaatjes enige tijd geleden aan de koffietafel na een duintraining. Een ander loopmaatje keek vragend naar hem op “Wat bedoel je?” Hij had in het najaar een reisje met loopmaatjes gepland naar de Alpen om daar een marathon te gaan lopen. Dit ging niet door, maar hij wilde wel trainen alsof hij de marathon dan ging lopen. Mocht er zich nog een marathon aandienen dan was hij er klaar voor om die te gaan lopen. Hij was dan marathonfit.

Eigenlijk best een leuk idee. Voor iets gaan trainen dat je niet gaat doen, maar als dat iets zich aandient je er wel aan mee kan doen.

Ik weet dat als ik voor een marathon of een andere lange afstand aan het trainen ben ik mij altijd fit voel. Niet alleen mijn lijf voelt sterker, maar ook mentaal kan ik meer aan. Daarnaast blijf ik lekker op gewicht. Lekker omdat ik dan, ik ben toch al geen zwaargewicht, alles kan eten wat ik lekker vind. Een ander positief punt is dat ik dan ook vaak buiten ben. In plaats van op de bank te gaan liggen netflixen trek ik mijn loopschoenen aan en ga een stukje hardlopen. Nou moet je misschien weten dat als ik voor een marathon aan het trainen ben ik minimaal 4 keer in de week loop en vaak 5 keer, waarvan één keer een lange duurloop. Met lang bedoel ik dan minimaal 20 km. Nu ik dit zo opschrijf realiseer ik mij hoe fijn het is om voor marathonfit te trainen en en te blijven. Ik ga voor marathonfit.

Ik was bijna bij een keuze moment aangekomen. Afslaan en terug of rechtdoor wat inhield dat ik zeker 10 km langer moest lopen. Ik moest denken aan een paar minuten terug toen ik luisterde naar het nummer Take the Long Way Home van Supertramp. Eigenlijk had ik helemaal nog geen zin om terug te lopen. De benen voelden goed vanmorgen, het weer was goed en er was tijd genoeg om een stukje verder te lopen. Rechtdoor dus. Onderweg kon ik een paar keer niet de verleiding weerstaan om een lusje erbij te lopen, omdat juist die lusjes zo leuk zijn. Terug zag ik dat de teller 30,5 km aangaf. Op weg naar marathonfit.

Borstel

De plukken staken alle kanten op. Het was een chaos. Dit was het eerste dat mij opviel toen ik mijn lenzen in had en in de spiegel keek. Ik heb het hier over mijn haar. Ik hoorde de wind gieren. Over een paar minuten zou ik naar buiten gaan voor een duurloopje. Had het zin om een borstel door mijn haar te halen om het in model te brengen wetende dat de wind er in no time weer een chaos van zou creëren. Ik moest denken aan Ronaldo die ik afgelopen week zag spelen. Zijn kapsel is altijd picobello in orde. Zelfs als hij een bal kopt, die nog vaak het doel treft ook, lijkt er geen haartje verschoven. Is je kapsel belangrijk voor je prestatie? Voor alle zekerheid haalde ik er toch maar een borstel door.

Ik had er zin in. De benen voelden goed na een paar dagen hardlooprust. Ik was niet de enige die er zin in had want ik kwam al gauw heel wat lop(st)ers tegen ondanks het onstuimige weer. Heerlijk om de wind door je haar te voelen woelen. De verwachtte chaos was al snel daar. De eerste versnellingen had ik al achter de rug en ik keek uit naar de lage Kadijk. Een smal asfaltpad tussen twee weilanden van zo’n 400 m en gezien de windrichting had ik hem tegen.

400 m. Rechtuit, Het eind in zicht. Start. Daar ging ik. Mijn lichaam gestrekt. Als een snaar gespannen tussen de zwaartekracht en de hemel. De schouders naar beneden en de armen ontspannen , maar niet slap, laten meedansen in de beweging. Mijn buik in en uit voelen gaan door de ademhaling. De heup van het standbeen licht liften zodat de bijbehorende voet als vanzelf van de grond komt en de andere voet met een kort contact onder het lichaamszwaartepunt het asfalt laten raken. Voor ik er erg in had waren de 400 m voorbij.

Ik weet niet of de borstel geholpen heeft , maar ik heb heerlijk en ook best hard gelopen. Nou wil ik komende week nog naar de kapper. Misschien nog even kijken naar het Ronaldo kapsel.

Saai

De lucht is egaal grijs en er valt water uit waar geen kleur in zit. Saai weer dus. Het is zondagmorgen, duurloopmorgen. Ik heb voor vandaag geen spannende training in gedachten. Die spannende trainingen heb ik afgelopen week al gedaan. Vandaag wordt een gewone duurloop. Een beetje saai dat wel. De route die ik ga lopen is niets bijzonders. Ik heb hem al zo vaak gelopen dat ik hem ook zonder mijn lenzen in zou kunnen doen. Nou moet je weten dat ik zonder mijn lenzen pas en boomstronk op het pad zie als ik er al over gestruikeld ben. Saai weer. Saaie route. Eigenlijk is het dus een duurloop van niks.

Als ik begin, begint het ook gelijk harder te regenen. Het is nog opvallend rustig. Op de parkeerplaats stond slechts één auto. Misschien dat het straks nog drukker wordt als de lopers ontwaakt zijn en horen dat de CPC loop vandaag niet doorgaat. Even later als ik op een open stuk ben merk ik dat het begint te waaien. De route die ik loop is een acht en even is daar de verleiding om vlak voor ik aan de tweede lus begin af te slaan en terug te lopen naar het begin, maar ik doe het niet. Ondertussen zingt Morrissey , zanger van the Smiths, ” Will nature make a man of me yet” Op de één of andere manier vond ik The Smiths wel passen bij deze loop met hun melancholische maar ook geestige teksten.

Mijn kleding was ondertussen wel doornat geworden en ik voelde een paar druppels al pogingen ondernemen zich van mijn shirt los te maken om zich dan langs mijn ruggengraat langzaam naar beneden te laten glijden naar mijn bilspleet. Terwijl ik dit gewaar werd zag ik in de verte een hert met vol gewei midden op het pad staan. Werd het dan toch nog spannend. Nee, want toen ik hem naderde liep hij in een soort van verveelde draf van het pad weg en lag er weer een saai lang rechtstuk voor mij.

Eigenlijk liep ik helemaal niet verkeerd. Had een heerlijk rustig tempo. Een rustig ademhaling. Was niet moe. Geen zware benen. Een mooie rustige hartslag. Allemaal top, maar wel een beetje saai. Volgende week maar eens een spannende duurloop doen.

Wipbruggetje

“De natuur met een erectie.”, schreef de Volkskrant vrijdag over een schilderij van David Hockney. Vanmorgen ging ik voor een duurloop de AWD (Amsterdamse Waterleiding Duinen ) in. Volgens mij valt dit onder natuur. Ik ging een duurloop doen van zo’n 15 km en dan pak je toch een mooi stuk van het gebied mee wat misschien de kans op het zien van zo’n natuurerectie zou vergroten.

Ik was wat laat vanmorgen en omdat ik om 10:30 uur had afgesproken voor de koffie, moest ik er flink de vaart inzetten. Vaag herinnerde ik mij een route die ik vroeger als trainer met een loopgroep had gedaan en die wilde ik nu ook weer doen. Dit is, vind ikzelf , een leuke route buiten de gemarkeerde paden met lange onverharde stukken langs water. Het weer was regen, wind en kou. Vooral dat laatste zorgde ervoor dat de kans op het zien van een natuurerectie eigenlijk tot nul gedaald was,

Ondanks het weer liep ik lekker, had er goed de vaart in. Mijn geheugen over de route liet mij bijna niet in de steek. Ik schrijf bijna omdat ik het wipbruggetje was vergeten. Dit is een hangbruggetje dat als je daar hardlopend overheen gaat iedere keer dat je voet neerkomt op en neer gaat en er 100% voor zorgt dat je uit balans raakt. Gelukkig ging het goed en kon ik de reling pakken. De laatste paar kilometers nog even elk heuveltje hard op en ik was mooi op tijd voor de koffie.

Ik weet niet wanneer David Hockney het genoemde schilderij heeft geschilderd , maar dat is vast in een ander jaargetijde gebeurd. Ik denk dat ik maar moet wachten tot de bronsttijd, want dan staat het in de AWD stijf van de erecties.

Chill

Ik was nog maar net over het eerste bruggetje toen ik al naar beneden keek. Naar mijn voeten. Beter gezegd naar mijn schoenen. Had ik misschien mijn wandelklompen aangetrokken in plaats van mijn hardloopschoenen. Het was zaterdagochtend en ik was niet vooruit te branden. Het plan was een kort loopje met een sneller 2 km middenstuk. Nou, dat korte loopje zou zeker lukken, maar door die snellere 2 km ging een vette streep. Ik had het gevoel dat de zwaartekracht vertienvoudigd was en ik niet meer loskwam van de grond.

Ik liep in een heel rustig tempo het jaagpad op. Dit is zo wie zo geen pad om snel te lopen vanwege de smalte, wandelaars, honden en de boomwortels die door het asfalt komen. Achter mij hoorde ik de twee jonge dames die ik even tevoren over de Schalkwijkerweg had zien lopen ook het jaagpad op komen. Één van de twee was aan het vertellen en de ander hoorde ik zo’n beetje om de 10 sec chill zeggen. Aan hun stemvolume hoorde ik dat ze langzaam op mij inliepen en omdat het pad smal was stapte ik even opzij om ze langs te laten. De verteldame voorop en de chilldame er vlak achteraan. Een paar honderd meer verderop zag ik ze chill linksaf slaan.

De lol die ik had om de twee danes had er ook voor gezorgd dat ik iets makkelijker was gaan lopen. Ik kwam weer los van de grond wat maar goed was ook, want anders was ik zeker gestruikeld over één van de vele boomwortels. Na het jaagpad nog even een stukje ringvaart en Molenplas en dan via de Lage Kadijk weer terug. Ik weet niet of het om mij was, maar toen ik hier langs de koeienstal liep hoorde ik opeens een luid geloei. Hadden ze lol om mij. Wilden ze mij gedag loeien. Of was het puur toeval. Het maakt niet uit, want de lol die ik hier om had zorgde ervoor dat ik de laatste 2 km heerlijk ontspannen naar huis liep.

Vanmorgen was een nieuwe ochtend en dat heb ik gemerkt. Niks zware benen. Ik liep heerlijk , bijna als een jonge god , een duurloop door de duinen. Zo zie je maar. Niet teveel blijven hangen in de dag van gisteren, maar gewoon opnieuw beginnen.

Lang

Na de interval trainingen van de afgelopen week had ik vandaag zin in een duurloop. Een duinloop , die ik meestal op zondag doe, zat er vandaag niet in. Gewoon een loop vanuit huis dus. Een lange duurloop. Wat is lang? Daar had ik dus deze lange duurloop alle tijd voor om over na te denken. Ik weet nog dat ik een beginnersgroep trainde en tijdens de eerste training moesten ze een minuut hardlopen. Één van de deelnemers zei toen “wat is een minuut lang”. Later maakte ik voor een ultraloopster een schema en als daar in een week geen duurloop van langer dan 20 km in zat kreeg ik een mailtje van ” goh helemaal geen lange loop deze week”. Daar liep ik dan en hoe meer ik erover nadacht hoe verwarrender het werd. Ondertussen speelden The Eagles het nummer The Long Run .

Ik wilde niet de hele route over asfalt lopen. Nu hoeft dat ook niet, want er zijn voldoende onverharde paden in de buurt. Als ik deze paden kies moet ik altijd terugdenken aan Jim Fixx die in 1977 The Complete Book of Running schreef. In het boek werd ook aandacht besteed aan de gevaren die op de loer lagen voor de hardloper. Één daarvan was de hond. 99% van de honden die ik tegenkom leveren geen probleem op. Er op vertrouwend dat ik die ene 1% niet zou tegenkomen ging ik de onverharde paden op. Toen ik er zo’n 10 km op had zitten moest ik weer denken aan lang. Een sprinter zou badend in het zweet wakker worden bij de gedachte alleen al dat hij de volgende dag 10 km moest hardlopen, terwijl de ultraloper zich nog een keer rustig omdraait want het is maar 10 km.

Ik had sinds oktober vorig jaar niet langer gelopen dan 15 km en omdat ik vandaag een afstand van zo’n 20 km in gedachten had kan ik in ieder geval zeggen dat ik een langere duurloop ging doen. Het weer was fantastisch en ik liep in een heerlijk tempo. Zo’n tempo waarvan je het gevoel hebt dat je het eeuwig ( lang ) door kan lopen. Dat tempo lag vandaag zo rond de 10 km/uur. Dat weet ik omdat ik een stukje met een loopster mee liep die vertelde dat ze 10 km/uur liep. Verder vertelde ze dat er voor haar in het schema voor vandaag een lange duurloop op het programma stond. 10 km.

Ik vind het altijd lekker om de één na laatste km wat sneller te doen en dan de laatste km rustig uit te lopen. Thuis gekomen zag ik dat ik rond de twee uur gelopen had. Is dat kort, middellang of lang? Ik laat dit graag aan u over.