Drie bolletjes

Ze staken mooi af tegen het zwart van het vierkante bord. Drie bolletjes vanille ijs. De ruimte tussen de bolletjes was opgevuld met slagroom en er stond nog een schaaltje gesmolten chocolade naast om erover heen gegoten te worden. Mijn tafelgenoten waren even stil en toen vroeg er een “hoeveel kilometer ga je morgen lopen?”. Soms antwoord je dan te snel en denk je al terwijl je antwoord nog niet eens helemaal gegeven is van oeps, dit was misschien niet zo handig. Ik antwoordde vol overtuiging “voor elk bolletje 10 km, dus 30 km.”. “Ok” klonk het. Dit stond dus vast. 30 km dus.

Vanmorgen stond ik om 08:00 uur bij de ingang van de duinen voor mijn loop. De website Weeronline.nl voorspelde om 10:00 uur al 26 graden, dus ik had twee bidons van 500 ml blij me en ik zou elke 10 km langs een kraantje komen om ze opnieuw te vullen. Bij elkaar zou ik dan 3 liter water drinken. Dit moest naar mijn idee genoeg zijn.

De afgelopen twee weken had ik bijna niet hardgelopen. Ik was op vakantie in Zuid Engeland ( Salisbury ) en de kanaaleilanden Guernsey en Jersey . Meestal doe ik tijdens mijn vakantie s’ochtends korte loopjes. Daar is deze keer weinig van gekomen. De focus lag nu op wandelen. Vooral op Guernsey hebben we een paar mooie wandelingen gemaakt. We liepen over het cliffpath. Voor mijn doen zaten er een paar lange tussen. Zo liepen we een dag 15 km en de volgende dag 20 km. Nou is het cliffdpath niet vlak. Eigenlijk zit er geen valk stukje tussen, maar gaat het continue op en neer. Ook van traptreden zijn ze niet vies. Tijdens een etappe van zo’n 6 km ben ik ze eens gaan tellen en kwam op een totaal van 900 treden ( kan er een paar naast zitten ) . Kortom, van hardlopen is niets meer terecht gekomen, want s’morgens voelden mijn kuiten nog duidelijk de wandel inspanning van de vorige dag. Om een blessure te voorkomen besloot ik om ze niet nog eens met een extra hardlooptraining te belasten. Geen hardlopen dus , maar wel voldoende beweging.

De eerste 10 km gingen lekker. Misschien wel te lekker ( lees te snel ). De kilometers gingen regelmatig onder de 5:30 min/km. Kwam dit door de hardlooprust van de afgelopen 2 weken of door het wandelen? Ik weet het niet , maar voor ik het wist was ik bij het eerste kraantje. Mijn bidons had ik braaf leeggedronken en vulde ze weer bij. Tijdens de tweede 10 km voelde ik de warmte opkomen en wist ik eigenlijk al dat de eerste 10 te snel gegaan waren. Bij 20 km weer de bidons gevuld. De drie bolletjes ijs waren allang verbruikt. Zelfs als ik er tien had gekregen waren die voor mijn gevoel al verbruikt geweest. Snel even wat koolhydraten aanvullen en de laatste 10 weglopen. De temperatuur was naar onaangenaam opgelopen en de snelheid gedaald naar zo’n 6:00 min/km. Gelukkig was ik zo verstandig geweest om de route zo te plannen dat ik de laatste 5 km onder de bomen kon lopen en na 2:53 uur ( gemiddeld 5:45 min/km ) had ik de 30 km erop zitten.

Gelukkig staat er bij de “finish” een fonteintje waar ik met veel plezier een tijdje boven gehangen heb. Op het terras een glas cola gedronken en toen ik vrij snel daarna naar het toilet moest om te urineren, wist ik dat het met de vochtbalans goed zat.

Misschien vanmiddag nog wat bolletjes vanille ijs aanvullen.

Salisbury

“Have you had surgery on your knee?” hoorde ik een dame mij vragen.

Ik was vanmorgen wat vroeger opgestaan om een training te doen. Gisteren had ik een mooi groot grasveld gezien vlak bij het hotel waar ik een techniektraining kon doen. Ik had de pionnen net neergelegd toen een dame de vraag stelde “have you had surgery on your knee?” Ik zei dat dat niet het geval was en vroeg waarom ze dat vroeg. Het waren de pionnen die ik neergelegd had. Zij was een paar jaar geleden aan haar knie geopereerd en de fysiotherapie had dezelfde pionnen gebruikt tijdens haar revalidatie oefeningen. Zo geraakten we aan de praat. Zij vertelde dat ze 72 jaar was en dat ze elke dag voor het ontbijt 3 rondjes om het grasveld wandelde. Toen ik vertelde dat ik de pionnen gebruikte voor mijn “runningdrills” moest ze lachen. Zij had nooit aan sport gedaan, maar kon zich nog wel de Engelse hardlopers uit de jaren 80 herinneren zoals Sebastian Coe en Seve Ovett . Oh ja , ze had wel aan gymnastiek gedaan toen ze klein was, maar dat stelde niet veel voor. We praten nog even door en toen moest ze naar huis voor het ontbijt.

Ik deed wat loopscholing en wilde net aan mijn 200 metertjes beginnen toen er een jonge dame , begin 30 schat ik, op een mountainbike naar mij toe kwam. Ze zei goede morgen en vroeg aan mij of ik wist hoeveel meter het grasveld in omtrek was. Ik schatte dat het zo’n 300, misschien 400 m was. Zij dacht zelf aan 300 m Natuurlijk wilde ik weten waarom ze dit vroeg en ze vertelde dat ze al jaren fietste maar nu wilde beginnen met hardlopen en omdat ze vlakbij dit veld woonde wilde ze hier beginnen. We raakten aan de praat en ik vertelde dat ik uit Nederland kwam, in een hotel om de hoek sliep en het leuk vond om s’morgens voor het ontbijt een stukje te gaan hardlopen. We kwamen aan de praat en na een kwartiertje zei ze dat ze ervandoor moest naar haar werk.

Zo was van het uurtje dat ik gepland had alweer drie kwartier voorbij. De 200 tjes gingen het niet worden, maar ik had nog wel even mooi de tijd om 10 keer 100 m te doen. Volgens mij zijn het er geen tien geworden want op een ander stuk van het veld liep een man achter zijn hond aan. De man wilde naar huis, maar de hond had daar andere ideeen over. Hij liep met grote tak in zijn bek naar de andere kant van het veld. De man, stevig gebouwd met een behoorlijk buikje, rende achter ham aan, “Frits come, Frits come” Toen de tak uiteindelijk teveel was geworden besloot Frits gehoor te geven aan de smeekbede, want dat was het wel geworden, van de man.

Dit was mijn eerst hardlooptraining in Salisbury. Van hardlopen is niet veel gekomen, maar een heerlijk begin van de dag was het wel. Benieuwd hoe het morgen gaat.

Twijfel

Het was donker, windstil, de krekels waren in het park helemaal losgegaan en de warmte was nog volop als hittegolf aanwezig. De poes had zich net ook het balkon opgesleept en zich op de stoel tegenover mij omhooggetrokken en had zich laten vallen op het kussen en al en tijdje niet bewogen. Ik was op mijn iPad met een aantal mensen wordfeud aan het spelen toen mijn gedachten afdwaalden naar een appje dat ik had ontvangen. Het was van een loopmaatje. Of ik zondag zin had om een duurloop van 20 km mee te lopen. Nou ben ik altijd wel in voor een duurloop dus ik had gelijk een appje teruggestuurd , leuk, ik ben er, maar moest nu ik hier zo op mijn balkon zat toch aan de temperatuur denken. Het zal toch niet zo….. , nee het moest een keer afkoelen. Wat dus ook gebeurde.

Vanmorgen dus naar de duinen gegaan voor de 20 km. We zouden om 08:00 uur beginnen. Het was nog een beetje onduidelijk hoeveel loopmaatjes er mee zouden lopen, maar uiteindelijk waren we met z’n vieren. De temperatuur was prima. Er stond een licht windje en de zon was verscholen achter de wolken. Ideaal voor een 20 km duurloop. De drie loopmaatjes waren in voorbereiding op de Amsterdam marathon en net met hun schema begonnen. Hoewel het allen ervaren lopers zijn was er toch enige twijfel over deze 20 km. Hoe zou dat gaan, want ze hadden al in geen tijden de 20 km meer aangetikt. Al pratende over de twijfel , over het schema, over een duurloop verderop in het schema niet kunnen doen, liepen we de kilometers weg.

Na 9 km kwamen we bij het eerste kraantje, want bij het uitzetten van de route had ik toch in mijn achterhoofd gehad de temperatuur en de route zo gepland dat we langs twee kranen kwamen. De eerste 10 km zaten erop en iedereen voelde zich nog goed. Toen kwamen de verhalen dat je eigenlijk altijd meer kunt dan je denkt, ondersteunt uit ervaringen van eerdere marathons die ze gelopen hadden. Zo liepen we lekker door. Het was zeker geen makkelijke route. Afwisselend verhard, onverhard en menig onverhard pad was door de droogte zanderig geworden. Ook zaten er flink wat heuvels in, maar met mijn argument als ze dit parcours konden lopen ze in Amsterdam over het asfalt zouden vliegen begonnen we aan de laatste kilometers. Alle twijfel over het kunnen uitlopen van de 20 km was verdwenen. Ook het extra lusje waar nog een pittig stukje omhoog in zat werd zonder morren genomen. Nou ja, één loopmaatje had even een zetje in de rug nodig, maar toen de koffietafel in zicht was deed ze er een tandje bovenop en kwam als eerste aan. Je kunt meer dan je denkt

Ik moest tijdens het lopen denken aan het boek van Joris dan denBergh – Mysterieuze Krachten in de Sport. Vanmorgen heb ik daar weer een mooi voorbeeld van gezien.

Hoe oud ?

“Hoe oud?”. Ik had de vraag “Hoeveel?” verwacht, maar nee dus. Ik was een zuivelwinkel binnengelopen en werd aangesproken door een jongeman die mij vroeg of hij mij kon helpen. Ik vertelde hem dat ik een zakje geraspte oude kaas wilde en toen kwam dus de hoe oud vraag. Ik had er nooit bij stilgestaan dat er een verschil was in oud wat betreft kaas. De jongeman had dat snel door, pakte een stukje kaas en vroeg “zal ik deze voor u doen?”. Ik stemde gelijk in met zijn voorstel. Toen kwam natuurlijk nog de hoeveel vraag. Daar had ik ook niet bij stil gestaan en maakte met mijn handen een beetje onhandige beweging waarmee ik de grote van het zakje wilde aangeven. De jongeman keek mij nog een seconde of drie aan en zei toen ” ik ga wat voor u raspen” en een paar minuten later kwam hij terug met een zakje geraspte oude kaas.

Vanmorgen heb ik een lange duurloop gedaan. Nu hoor ik u gelijk denken “Hoe lang”. Een goede vraag die mij aan het denken zet. Is de afstand die ik heb gelopen lang genoeg om het een lange duurloop te noemen? Ondertussen heb ik begrepen dat als kaas 10 maanden gerijpt heeft dat het dan oude kaas mag heten. Dit is geen wettelijke regeling , maar een afspraak. Zouden we dan ook zoiets af kunnen spreken voor de duurloop, bijvoorbeeld dat het na 10 km een lange duurloop mag heten.

Het was heerlijk loopweer vanmorgen. Zon, een licht briesje en een graadje of 18. Ik had er al een leuk rondje opzitten en was op de terugweg. Ter hoogte van de Lage Kadijk kwam er een hardloper aan die een paar meter voor mij ook het weggetje langs de Molenplas op wilde. Dat is een vrij scherpe bocht en hij struikelde bijna. Ik maakte een opmerking en we raakten aan de praat. Hij vertelde me dat zijn huisarts vorig jaar hem het advies had gegeven om wat meer te bewegen en dat hij begin dit jaar was begonnen met hardlopen. In het begin was het lastig geweest om de discipline op te brengen, maar nu liep hij drie keer in de week en voelde zicht beter dan ooit. Vandaag liep hij een rondje van 7 kilometer en hij had nooit gedacht dat hij zo’n lange afstand kon hardlopen.

Na dit gesprek heb ik gelijk een streep gezet door de eerder genoemde 10 km en ook maar gelijk door het woord lang. Ik heb vanmorgen een duurloop gedaan van 15 km en ik laat het aan de lezer over of die daar een kwalificatie aan wil geven.

Hoe snel?

Weekmarathon

Op dag 5, afgelopen vrijdag, was mijn Apple Watch van slag. Dit doet Henny anders nooit dacht hij. Vijf dagen achter elkaar dezelfde route en afstand lopen. Dus ging hij nadenken. Dat krijg je met die high tech apparaten die vol zitten met kunstmatige intelligentie. Zo dacht hij, “normaal loopt Henny na een paar korte afstanden altijd een langere afstand dus dat zal nu ook wel het geval zijn. Weet je wat, ik plak er een kilometertje aan”. Echter omdat hij niet met de tijd kon manipuleren liet hij mij wat snellere kilometers lopen en liep ik onder andere een kilometer in 3:00 min. Leuk, maar niet de bedoeling. s’Avonds een goed gesprek gehad met Siri (Apple’s virtuele assistent) dat hij geen dingen uit eigen beweging moest doen, maar eerst overleggen. Daarna ging het weer goed. Hij bleek te kunnen leren.

Hardloopideeën ontstaan bij mij vaak tijdens het hardlopen en zo ook afgelopen maandag. Ik moest tijdens mijn loopje denken aan een aantal loopmaatjes die dit najaar de Amsterdam marathon gaan lopen. Jaren geleden heb ik hem ook een paar keer gelopen en na één van die keren vroeg iemand mij “Heb je die in één dag gelopen?” Toen deed ik er nogal lacherig over, liep hem in 2:50 uur, maar nu dacht ik “waarom ook niet?” Ik had een leuk rondje en als ik dat 7 dagen achter elkaar zou lopen had ik er een mooie marathonafstand opzitten met eigenlijk alleen maar voordelen.

Om te beginnen hoef ik er niet voor te trainen en ik denk dat menig hardloper al snel in staat is om dit ook te doen, zeker als je snelheid ondergeschikt maakt en op praattempo dit samen met bijvoorbeeld een loopmaatje gaat doen. Ik heb de doordeweekse 6 km’ters na het werk gedaan. Ik ben de hele dag binnen en dan vind ik het lekker om naar buiten te gaan. Behalve gezond eten vraagt het niets extra’s aan voeding. Geen spierpijn na het lopen en op de beruchte 2e dag na de marathon. Hoewel ik voor dat laatste natuurlijk nog even moet afwachten hoe het dinsdag is. Eigenlijk zie ik geen nadelen en is voor mij de weekmarathon geboren, die ik zeker vaker ga doen.

Het lopen ging na de eerste etappes steeds makkelijker. Ik was in een ritme gekomen Vanmorgen de laatste etappe gedaan. Ik voelde mij superfit en het lopen ging als vanzelf (zie tabel hieronder) Na een marathon nam ik altijd enige tijd rust. Na deze weekmarathon denk ik dat één dag , misschien twee, voldoende is en mijn hardloopschoenen weer kan aantrekken en van het buiten zijn genieten.

Tussen 1896 en 1920 is de marathonafstand regelmatig veranderd. De officiële afstand van de marathon zoals die tot heden geldt, werd voor het eerst gelopen bij de Olympische Zomerspelen 1908 in Londen. Toen werd de oorspronkelijke afstand van 25 mijl verlengd naar 26 mijl, dit om louter organisatorische redenen ten gevolge van een verzoek van het Britsekoningshuis. Ik heb nu ook de vrijheid genomen de afstand iets te wijzigen, dit om louter organisatorische redenen vanwege het leuke rondje dat bij mij voor de deur begint en eindigt.

Topsporters

Thuis lopen een paar katten rond. Nou ja lopen? Ze slepen zich voornamelijk door het huis en dan van slaapplek naar etensbak en terug en op de terugweg storten ze soms ook alweer neer alvorens ze hun slaapplek bereiken. Je kunt immers overal slapen. Het liefst slapen ze op een plek waar jij dan graag zit of op een plek waar je iedere keer langskomt, zodat je over ze heen moet stappen. Komen ze verder dan helemaal niet in beweging? Oh jawel. Hun “training” is van 04:30 uur tot 06:00 uur en laat hun favoriete rondje nu juist door de slaapkamer gaan onder het bed door en via de badkamer door de hal weer terug de slaapkamer in. Samengevat bestaat hun daginvulling uit slapen , eten en even trainen. Ik herinner me nog een uitspraak van Lornah Kiplagat dat haar dag bestond uit 16 uur rust , eten en trainen. Ook andere topsporters heb ik gehoord over deze dagindeling . Eigenlijk heb ik thuis een paar topsporters en moet ik niet klagen maar trots op hun zijn.

Vanmorgen, nadat de topsporters in huis hun training hadden gedaan en hun eten hadden gekregen, want ze willen na hun training graag eten, ben ik naar de duinen gegaan waar ik om 09:00 uur had afgesproken met een loopmaatje. Ze wilde graag een rondje van 12 km lopen. Later begreep ik dat ze eigenlijk 21 km op iets van een schema had staan in voorbereiding op een marathon, maar 12 km was nu ook wel lekker. Ach het zijn dezelfde getallen. Volgende week even omdraaien en alles is weer ok. Er sloot zich nog een loopmaatje bij ons aan die ook wel oren had naar 12 km, maar niet wist of ze dat vol zou houden. Ik zei tegen haar “loop gezellig mee, ik weet nog wel een kortere route voor het geval dat”.

Zo vertrokken we, gezellig babbelend, aan de 12 km. Zelf begin ik altijd in een heel rustig tempo, maar de dames hadden hier duidelijk andere ideeën over en in een pittig tempo vertrokken we. Na een paar honderd meter zakte het tempo in en kwamen we alsnog in een rustig duurlooptempo. We liepen een route over onverharde paden met wat kleine heuveltjes. Het gezellige babbelen ging gewoon door en door. Ook de heuveltjes op. Over de kortere route hebben we het helemaal niet meer gehad. Na 5 kwartier waren we weer terug en gaven we elkaar een high five. We hadden heerlijk gelopen.

Mocht je twijfelen over een afstand of die kunt lopen. Zoek één of meer loopmaatjes. Loop rustig ( je mag het gevoel hebben dat je langzaam gaat ) en ga lekker babbelen. Je kunt dan vaak meer dan je denkt.

Ik had vanmorgen nog wel een klein probleempje, want één van de topsporters thuis was neergeploft met mijn hardloopschoen als kussen. Na enig geduld en wat rammelen met het etensbakje had ik mijn schoenen weer terug. Even later hoorde ik gesnurk uit de slaapkamer en daar lagen ze.

Duik

Ik stond aan de waterlijn toen het eerste golfje mijn voeten omspoelde en ik het zand eronder weg voelde spoelen. Rustig liep ik door het water in. Afgelopen week had ik iemand horen klagen over de vele kwallen die in het water zaten, maar voor zover ik kon zien waren ze vertrokken. Misschien lagen ze wel verscholen om als er een mens voorbij kwam toe te slaan. Het water was nog best fris. Langzaam liep ik door af en toe omkijkend naar mijn spullen. Er waren nogal wat meeuwen op het strand en je weet maar nooit. Het water was ondertussen tot boven kruishoogte gekomen en ik voelde een zeker lichaamsdeel gelijk kleiner worden. Plotseling denderde een stukje links van mij een man het water in onder het uiten van een flink gebrul waar menig tennis(st)er jaloers op zou zijn. Dit deed mij besluiten om de duik te nemen en ik verdween met mijn hoofd onder de golven. De rust was teruggekeerd.

Ik was een uur ervoor begonnen aan een duurloop met als plan eerst zo’n 10 km te lopen dan een duik te nemen en dan 6 km terug naar het beginpunt. Afgelopen vrijdag had ik een hardloopclinic gegeven aan collega’s waarvan de meesten nog weinig tot geen ervaring hadden met hardlopen. Ik benadrukte regelmatig dat ze vooral langzaam moesten lopen in de naar mijn idee goede looptechniek die ik ze tijdens de clinic uitlegde en waarmee ze oefenden. Eigenlijk best gek om tijdens een clinic HARDlopen de mensen leren LANGZAAM te lopen. Ik moet toch nog eens nadenken over de term hardloopclinic.

Ik begon mijn duurloop vanmorgen dus ook in een langzaam lopen tempo. Ik had geen meetapparatuur om dus kan niets vertellen over hartslag, snelheid enz. , maar in het begin liep ik gelijk op met een paar wandelaars die zo’n 50 m voor mij liepen. Na een paar minuten liep ik langzaam op ze in en omdat het in mijn tempo best wel lang duurde voor ik ze voorbij was kon ik hun gesprek volgen . Het ging over het damesvoetbalelftal en ze waren boos dat het vooral mannen waren die het beter wisten. Die wel even vertelde hoe het moest. Ik besloot als man om mijn tempo toch maar iets te versnellen. Zo liep ik door en kwam een uur later op het strand aan.

Na mijn eerste duik bleef ik nog een paar minuten in het water liggen, voor ik het strand weer opging en mijn kleding aantrok voor de 6 km terug. De zon was ondertussen ruim boven de duinen gekomen en gaf een behaaglijke warmte af die het bovengenoemde lichaamsdeel weer zijn normale afmeting gaf. Met de wind in de rug en de zon in het gezicht liep ik naar het beginpunt waar ik een paar loopmaatjes zou ontmoeten die hun eigen duurloop hadden gedaan. Onder het genot van een pannenkoek hebben we onze loopverhalen uitgewisseld.