Terugblik 100 dagen 6,6 km

660.000 Hardlooppassen. 11 april, midden in de Coronacrisis, ben ik zonder dat ik het op dat moment wist aan mijn challenge van dagelijks 6,6 km hardlopen begonnen. Je mocht even de deur uit voor een frisse neus , maar moest wel afstand bewaren. Ik had een rondje vanuit huis waar dat prima kon. Een rondje dat ik eigenlijk al jaren loop en wat ik mijn route 66 noemde, want het rondje was 6,6 km. Na drie dagen dit gelopen te hebben kreeg ik het idee om dit dagelijks voort te zetten. De meningen over dit idee varieerden van gaaf tot idioot, maar ik was nieuwsgierig hoe het zou zijn om dit langere tijd dagelijks te doen. Zou ik fysieke grenzen tegen komen. Vermoeidheid, blessures. Zou ik mentale grenzen tegen komen. Motivatiegebrek, er tegen op zien. Vragen die je pas kunt beantwoorden als je het geprobeerd hebt. Zo begon ik dag 4 op 14 april en ben ik dag 100, op 19 juli gestopt.

Een altijd nors kijkende man zag ik opeens glimlachen. Ik weet niet of hij dat naar mij deed of om mijn gezichtsuitdrukking toen ik zag dat een wielrenner over mijn iphone dreigde te fietsen die op de weg stond voor een selfie. Een dame met wie ik een leuk gesprek had nadat ze mij aansprak op het feit dat ze mij elke dag zag lopen. Een gesprekje met een echtpaar dat buiten zat te ontbijten en mij vroegen wat ik aan het doen was toen ik een selfie bij hun huis aan het maken was. Een man die ik vaak tegenkwam, zijn hond uitlatend, die mij om advies vroeg. Hij wilde ook graag hardlopen , maar had last van zijn achillespees. Een paar van de mooie momenten tijdens deze 100 dagen.

Één van de grootste uitdagingen , misschien wel de grootste, was blessurevrij blijven. Nou is overbelasting de belangrijkste veroorzaker van blessures en dan heb je met 100 dagen achter elkaar hardlopen eigenlijk al een probleem. Ik besloot om te beginnen met 5 rustige trainingen en twee wat vlottere trainingen in de week. Daarnaast dagelijks wat rekken van kuiten en hamstrings en een paar keer in de week diezelfde spieren rustig masseren. Na dag 70 besloot ik om nog maar één vlotte loop in de week te doen. Ik voelde dat mijn kuiten niet helemaal herstelden en wilde geen risico nemen. Na dag 86 heb ik om diezelfde reden de vlotte loop helemaal niet meer gedaan en ben tot en met dag 100 blessurevrij gebleven.

Het blessurevrij blijven heeft er zeker toe bij gedragen dat ik gemotiveerd bleef. Als je een pijntje hebt dan denk je eerder van laat ik er maar mee stoppen. Eigenlijk nam de motivatie alleen maar toe naarmate de dagen verstreken. Meestal liep ik na mijn werk en het was dan heerlijk om na een dag binnen gezeten te hebben naar buiten te gaan. Dag 66 was, puur om het getal, even een moment van ga ik nu door, maar omdat het zo goed ging besloot ik door te gaan tot dag 100. Wel nam ik mij gelijk voor om dan ook te stoppen met mijn dagelijkse 6,6 km.

Hoe zit het dan met de vermoeidheid? Die is weg gebleven. Één van de belangrijkste reden hiervoor is denk ik de afstand. 6,6 km is voor mij een korte afstand. Ook als ik hem heel rustig loop ben ik binnen 45 minuten klaar. Ik denk dat als het 10 km was geweest er een grotere kans op vermoeidheid was geweest. Je bent dan al gauw dagelijks meer dan een uur aan het hardlopen. Een tweede belangrijke reden voor het uitblijven van de vermoeidheid is het plezier wat ik er in had. Hoewel ik bijna dagelijks hetzelfde rondje liep was het toch iedere keer anders. Vaak gebeurde er wel iets zoals de ontmoetingen die ik hierboven heb genoemd.

Terugkijkend vond ik het een geslaagd experiment wat in de toekomst zeker voor herhaling vatbaar is.

Ik wil al mijn volgers op twitter, facebook en instagram hartelijk bedanken voor het volgen en de leuke reacties die ik heb ontvangen. Dit heeft zeker bijgedragen tot het slagen van deze challenge. Dank.

Deze week mocht ik nog een mooie staande medaille met inscriptie ontvangen. Ook daar voor dank.

Pontje

Afgelopen maandag was dag 73 van mijn dagelijkse 6,6 km rondje. Ik was rustig begonnen en voelde me goed. De benen voelden krachtig en ik had ongemerkt het tempo al flink opgeschroefd. Er waren weinig wandelaars en fietsers op de weg dus hoefde niet steeds achterom te kijken of er verkeer aankwam omdat ik moest zigzaggen in verband met de anderhalve meter regel die nog steeds bestaat. Achter mij hoorde ik een fietser aankomen. Het was een fiets met een pedaaltik. Zo’n tik die elke pedaalslag terug komt. Het was een mooi ritme die pedaaltik en ik kreeg bijna de neiging om mijn beentempo erop aan te passen. Langzaam kwam de fietser langs mij en bleef naast mij fietsen. Er zat een man op. Hij keek mij aan en vroeg “is dit de weg naar het pontje van Cruquius?”

Het was de eerste dag van de week en ik had geen loopplan in gedachten. Nou heb ik dat bijna nooit. Dat plan ontstaat altijd onderweg . Eerst even voelen hoe het lichaam en geest zijn. Ik heb echter twee voorwaarden. Ik mag maar één keer in de week een vlotte loop doen. Dit in verband met de blessure preventie. De andere is dat het rondje 6,6 km moet zijn en dat is omdat de challenge 100 dagen dagelijks 6,6 km hardlopen is. Toen kwam dus de vraag van de fietser.

Ik keek naar de fietser en zijn fiets. Maakte een inschatting en zei toen ” dit is inderdaad de weg naar het pontje, ik loop even met u mee, want hij is over ongeveer anderhalve km”. Prima zei de man en ik verhoogde mijn tempo nog iets, maar nog wel zo dat ik kon praten. Al pratende vervolgde wij onze weg. De eerlijkheid gebied om te zeggen dat de man meer praatte dan ik, wat mij niet verkeerd uitkwam. Ongemerkt waren we steeds harder gegaan wat ook wel weer een goed teken was, want dat betekende dat mijn lichaam het aankon. Met nog zo’n 200 meter te gaan vertelde ik de man waar het pontje was en dat ik een stukje daarvoor linksaf zou gaan. Hij bedankte mij voor het wijzen van de weg ik hem dat ik mocht meelopen en vlak voor het pontje scheiden onze wegen.

Nadat we afscheid hadden genomen en ik linksaf was gegaan nam ik gelijk het besluit om het tempo iets terug te schroeven naar mijn vlotte tempo, dat door te lopen tot een kilometer voor mijn huis en dan de laatste km lekker uitlopen. Zo is het ook gegaan. Ik had mijn vlotte loop gedaan en heb de rest van de week rustiger aan gedaan.

Op het moment dat ik dit nu schrijf heb ik dag 79 erop zitten. Het gaat goed. Geen blessures en ik heb er elke dag zin in. Morgen alweer dag 80.

Hieronder de getallen van de vlotte loop.

100

Drie weken geleden schreef ik een blog met de titel 200, vandaag één met de titel 100. Toen ging het over passen tellen. Deze keer heeft het het niets met passen tellen te maken, maar met aftellen. Vorige week schreef ik nog dat ik door zou gaan met mijn dagelijkse 6,6 km hardlooprondje zolang ik me er goed bij voelde , blessurevrij bleef en er plezier in had. Alle drie zijn nog steeds van toepassing, maar soms veranderen dingen in je leven die je anders doen besluiten. Daarnaast loopt mijn hoofd over van andere hardloop ideeën die ik ook de ruimte wil gaan geven. Daarom heb ik deze week besloten om door te gaan tot en met dag 100. Ik zit nu op dag 72 dus het aftellen kan beginnen. Zondag 19 juli zal zal ik mijn laatste dagelijkse 6,6 km hardlooprondje doen. Het lijkt mij leuk om daar iets bijzonders mee te doen, maar daar blog ik later nog over

Vanmorgen was het lekker weer voor het hardlooprondje. Nog niet te warm en een licht briesje. Ik had een heel rustig loopje in gedachten. Gisteren ging het wat sneller en moest toen ook een extra versnelling doen om iemand op anderhalve meter te passeren. Van de andere kant van de weg kwam namelijk een groep wandelaars achter elkaar aangelopen en voor dat die bij de wandelaar waren die voor mij liep wilde ik die persoon voorbij zijn. Echter ik voelde tijdens die versnelling iets in mijn kuit. Kon nog wel net de wandelaar op tijd passeren, maar besloot gelijk op de rem te trappen en rustig het rondje af te maken. Daarna zonder probleem het rondje afgemaakt. Thuis gekomen gelijk na het douchen mijn kuiten licht gemasseerd en daarna ook geen last meer van gehad.

Het blijft balanceren op de grens van belasting en belastbaarheid van mijn lichaam. Ik heb geen zin om die grens bewust op te zoeken en probeer daar van nu af aan verder vandaan te blijven. Dit betekend dat ik nog één vlotte loop in de week mag doen en de rest rustig tot heel rustig. Vanmorgen dus een heel rustig rondje gedaan. De kuit voelt weer goed, net als de rest van het lichaam. Nog 28 dagen te gaan.

Ook de weegschaal moet aan de goede kant van de grens blijven.

200

Ik zag nog twee wandelaars voor me en van de andere kant kwamen een paar fietsers. Dit was nog niet het goede moment. De weg was vrij smal en dan zou je net zien dat op het moment dat ik wel ging alles samenkwam en er een vette streep door de anderhalve meter werd gehaald. Nog even wachten dus. Geen probleem. Ik dribbelde rustig door, bleef op deze manier achter de wandelaars , en wachtte tot de fietsers voorbij waren. Het was een groepje wielrenners dus het moment was al gauw daar. Een korte groet, ik ging aan de andere kant van de weg lopen en de eerste versnelling kon beginnen.

Ik ben nog steeds bezig met mijn dagelijkse 6,6 km en vandaag was dag 52. Vandaag had ik hierin een paar versnellingen van 200 gepland. 200 wat? 200 passen! Ik liep niet langs een weg waar 200 metertjes uitgezet waren of 100 meter paaltjes stonden. Het maakt me eigenlijk ook helemaal niets uit of het nu 180 of 220 meter is, want een tijd neem ik toch niet op. Daarom had ik het volgende bedacht, ik doe een versnelling van 200 passen. Om het praktisch te houden tel ik de passen van één voet. Dus 100 en mocht ik de tel kwijtraken dan pak ik het gewoon weer op bij het aantal dat ik dacht dat ik was.

Toen de wielrenners voorbij waren begon ik dus aan mijn eerste versnelling. Die versnelling moet je niet zien als een sprint, maar een lekker vlot tempo op gevoel, waarbij ik altijd nog wat sneller zou kunnen als het moest. De eerste 200 gingen voorspoedig. Geen medeweggebruikers waar ik op moest letten. Er was wel een wandelaar, maar die zag mij aan komen vliegen en besloot wijselijk om rap de andere kant van de weg te nemen. Toen ik hem passeerde knikte ik hem dankbaar toe en een paar passen later zat mijn eerste 200 erop. Tempo minderen en rustig verder.

De pauze die ik tussen de 200 neem is natte vinger werk. Ik ga dan geen passen tellen, maar kijk vooruit en kies dan een punt in de verte waar ik de volgende 200 doe. Dat punt kan van alles zijn, een boom, een huis, een uithangbord of een groepje overstekende zwanen, zoals vanmorgen.

Als laatste is dan nog het aantal keren 200. Toen ik vroeger op de baan liep was de standaard 15 keer, waarbij af en toe werd afgeweken van dat aantal. Nu ben ik niet meer met dat aantal bezig. Ik hoef niet persé 12, 15 of 20 keer. Het gaat mij erom dat ik mijn lichaam een paar keer een prikkel geef. Mijn lichaam vaart daar wel bij, maar ook mijn geest, want het is gewoon lekker om te doen. Vanmorgen deed ik er 8.

Ik ben nu ruim 7 weken bezig en heb er nog steeds plezier in. Sterker nog, ik kijk er naar uit als ik de hele dag voor mijn werk binnen ben geweest. Vanmorgen dus een heerlijke 200 training gedaan. Morgen weer een hééél rustig loopje. Wel 6,6 km.

Pas op de plaats

De zon scheen strak op het pad voor mij en de wind achter mij. Rechts van mij zag ik haar uit de berm komen, maar ze was niet alleen. Een heel gezin kwam achter haar aan. Het leek wel of ze even naar links en rechts keek alvorens ze overstak. Het was een smalle weg, waarop twee auto’s elkaar nauwelijks kunnen passeren en waar alleen wat bestemmingsverkeer komt, maar toch, oppassen. Het gezin bestond uit een moedereend en vijf kuikens. Erg klein waren die niet meer, maar nog net niet groot genoeg om alleen de wereld in te gaan. Netjes achter elkaar lopend staken ze de weg over en verdwenen in het hoge bermgras, waarachter een sloot was. Ik maakte even een pas op de plaats om naar deze overgang te kijken en niet te verstoren. Een fietser die van de andere kant kwam deed hetzelfde.

Een pas op de plaats maken. Zo kan ik de afgelopen week het beste betitelen. Ik heb er nu ruim 5 weken opzitten waarin ik dagelijks een rondje van 6,6 km ga hardlopen . In de eerste 4 weken heb ik wekelijks wat met het tempo gespeeld waarbij ik twee keer per week een vlotte loop mocht doen. Vorige week meende ik even mijn kuit gevoeld te hebben en daarom besloot ik deze week alleen maar rustig aan te lopen. Voor mij is rustig aan een tempo van 10 km/uur. Voor de liefhebbers is het misschien leuk om te weten dat mijn hartslag dan zo’n 120 – 125 slagen per minuut is. Aan de afstand en de frequentie (elke dag) kan ik niets veranderen, want dan is mijn Route 6,6 afgelopen. Zo ben ik het ondertussen gaan noemen, Route 6,6.

De pas op de plaats van afgelopen week is mij goed bevallen. Wel dagelijks mijn. 6,6 km, maar nergens last van. Het lekkere van dit voor mij rustige tempo is dat ik helemaal niet moe wordt. De meeste dingen blijven echter nooit heel lang lekker en zo ook dit niet. Het verlangen naar een portie zweet en hijgen begint op te komen en komende week ga ik dan ook weer beginnen met tempowisselingen. Wel mijn fysieke gestel in de gaten blijven houden, want op het moment dat dat uitvalt is het einde Route 6,6

Nadat het eendengezin was gepasseerd ben ik rustig verder gelopen. Tijdens een rustige loop heb je wel mee tijd om rond te kijken. Zo zag ik. bij de boerderij waar ik langs kom kalfjes en lammetjes. Een aandachtspunt tijdens zo’n pas op de plaats tempo is de looptechniek. Uitkijken dat het rustig tempo geen sloffen wordt, want dat verhoogd alleen maar de kans op een blessure. Netjes blijven lopen dus. Op de terugweg zag ik het eendengezin dobberen in de zon als waren het koeien die in de wei die liggen te herkauwen. Een kleine kilometer later was ik weer thuis en kon ik terugkijken op een lekker pas op de plaats loopje.

Op de Route 66 in Noord Amerika ben ik ondertussen bij het plaatsje Lincoln aangekomen.

Rechtsaf

In mijn hoofd wist ik het wel, maar mijn lijf had er nog geen benul van. Ik liep nu 23 dagen mijn 6,6 hardlooprondje en dat was iedere keer hetzelfde rondje. Dit betekend na 300m linksaf. Afgelopen maandag ging ik het anders doen. Ik begon op de gebruikelijke manier. Heel rustig, in een tempo waar een schildpad zijn neus voor op zou halen, vertrok ik. Na 150m zag ik de T-splitsing waar ik altijd linksaf ging. Toen ik deze T-splitsing naderde zag ik van rechts verschillende lop(st)ers komen die allemaal links uit beeld verdwenen. Vlak voor de T-splitsing realiseerde mijn lijf dat het vandaag wel eens anders kon gaan, want ik liep aan de “verkeerde” kant van de weg. Ik ging rechtsaf.

Ik had er bewust voor gekozen om de eerste periode steeds hetzelfde rondje te doen . Eerst moest ik in een ritme komen van elke dag 6,6 km hardlopen. Ik zou vaak op andere tijden moeten lopen en met het oog op de anderhalve meter regel van nu wilde ik wel een route lopen die anderhalvemeterproof was. Als laatste was het makkelijk dat ik dit loopje vanuit huis kon doen en niet eerst ergens heen moest gaan. Ik hoefde alleen nog maar te lopen en met die andere aspecten hoefde ik mij na de eerst paar keer niet meer bezig te houden.

Afgelopen maandag voelde ik opeens de behoefte om een andere route te gaan lopen. Wel vanuit huis en wel 6,6 km, maar anders. Ik had al iets in mijn hoofd en met behulp van Afsatandmeten.nl maakte ik een route van ongeveer 6,6 km. Aan het eind kon ik altijd wel iets improviseren om hem sluitend te maken. Zo sloeg ik dus bij de T-splitsing rechtsaf. Liep ook nu langs het Spaarne , maar de andere kant op. Na ruim twee kilometer was daar het eerste “probleem” . Ik had een lusje in een woonwijk bedacht, maar toen ik z’on 200m die wijk in was werd de weg afgesloten door een hek in verband met Corona. Er zat niets anders op dan terug lopen. Dit deed mij denken aan menig heen en weertjes die ik tegengekomen was tijdens marathons om de afstand precies goed te maken. Een kleine kilometer verder was daar het tweede “probleempje”. Een verhuiswagen blokkeerde een ander lusje dat ik in gedachten had. Er zat weinig anders op dan dit lusje over te slaan. Ik besloot om zoveel als mogelijk de route verder te lopen en zonodig een aanpassing te doen als ik bijna thuis was. Wat bleek, laten de twee blokkades er nou toe leiden dat ik een route loop van precies 6,6 km. Zo zie je maar, maak je niet druk bij blokkades, maar vervolg je weg waar kan.

Ik heb nu twee routes van 6,6 km en het is de bedoeling dat er meer gaan komen. Die hoeven niet vanuit huis, maar kunnen ook op een andere lokatie beginnen. De hardloopafstand blijft wel 6,6 km. Weet jij een leuke 6,6 km dan hoor ik dat graag en misschien kunnen we hem als de Coronaregels versoepelen hem samen lopen.

Blessurepreventie

Met een zwaai landde mijn hiel op de hoek van de tafel. Het was geen soepele zwaai van een danser, maar ook geen zwaai van een houten Pinokkio been. Het was gewoon een degelijke zwaai. Ik zocht even mijn balans en boog toen naar voren met mijn handen richting mijn tenen. Niet dat ze die haalden, maar ik kwam toch al een heel eind vond ik. Het doel was het rekken van de hamstrings. Daarvoor had ik de kuiten en de quadriceps (bovenbeenspieren voorkant) gerekt, Hierna zouden nog een paar spieren aan de beurt komen en na ongeveer een kwartier was ik klaar,

Sinds ik met mijn dagelijkse 6,6 km rondje hardlopen ben begonnen heb ik van dit rekritueel een dagelijks terugkerende activiteit gemaakt. Om heel eerlijk te zeggen was ik nooit zo van het rekken. Af en toe en keertje als ik er zin in had, maar geen vast iets. Nu ik elke dag loop ben ik toch wat meer over blessurepreventie gaan nadenken. Rekken zou daarbij kunnen helpen. Zeker weten doe ik het nooit, want ik kom nooit te weten hoe het gegaan zou zijn als ik niet zou rekken. Ik merk wel dat ik nu na drie weken rekken soepeler wordt. Een tweede voordeel van het kwartier rekken is dat ik een kwartier voor mijzelf neem en in dat kwartier ook bewust met mijn ademhaling bezig ben. Ik ga dus niet tijdens dat kwartier Netflixen.

Zo ben ik dus naast het lopen in verschillende tempo’s (zie blog vorige week) met blessurepreventie bezig en dit is niet alles. Een paar keer per week masseer ik ook mijn benen. In dit Coronatijdperk is het niet mogelijk naar een masseur te gaan, maar met mijn opleidingen sportmassage en massagetherapie kom ik een heel eind met zelfmassage. Er zijn nog meer mogelijkheden om aan blessurepreventie te doen, zoals voeding, maar daarover in en later blog meer.

Vandaag mocht ik een vlotte 6,6 km doen. Ik had afgelopen week pas één vlotte loop gedaan dus het kon. Als warming up had ik thuis al wat losmakende oefeningen gedaan en was ik met de trap naar 1 naar 5 hoog gewandeld. ( wel met de lift naar beneden ). Het was heerlijk weer en begon met een eerste kilometer van 5 min/km. Daarna kon het tempo omhoog en kwam ik zo rond de 4:30 min/km tempo. Een beetje zigzaggen onderweg vanwege de anderhalve meter en net binnen de 30 minuten weer terug ( 29:56 min) Helemaal tevreden en nergens last van. Nou ja, een beetje moe dan.

Ondertussen ben ik op dag 23 aangekomen. Dit betekend dat ik er 152 km op heb zitten. Op de Route 66 ben ik net het plaatsje Pontiac gepasseerd.

Hieronder het staafdiagram van mijn looptijden afgelopen week.

Dubbele rem

The Ramones teisterden mijn trommelvliezen op een prettige manier. Mijn benen bewogen zich voort op de rock and roll maat. Dan weer rustig, dan weer snel. Ik was bezig met één van mijn muziektrainingen. Ik heb een aantal van dit soort trainingen, maar dit is wel mijn favoriete. Wat ik doe is dat ik de eerste twee nummers rustig loop en daarna afwissel. Een nummer vlot, een nummer rustig, een nummer vlot enz enz. Nou duren de nummers van The Ramones nooit langer dan 3 minuten en dat is wel zo prettig. Ik heb mij ook eens vergist. Ik mocht versnellen op een nummer van Kate Bush genaamd An Endless Sky Of Honey. Dat duurt ruim 41 minuten. Mocht je zo’n training in gedachten hebben, bereid je dan dus een beetje voor.

Ik deed vanmorgen de 6,6 km van dag 16. Op 11 april ben ik begonnen. Ik liep mijn gebruikelijke 6,6 km hardlooprondje. Dit deed ik ook 12 en 13 april en op 14 april kwam het idee. Als ik dit nu elke dag doe hoe zou dat zijn en hoe lang houd ik dit vol. De regering roept op om zoveel mogelijk thuis te blijven en niet de drukte op te zoeken. Een stukje hardlopen mag wel. Mijn 6,6 km rondje loop ik vanuit huis en gaat over een rustige weg met af en toe een fietser, wandelaar of hardloper waarbij de anderhalve meter regel geen probleem is. Helemaal een Corona rondje.

Zoals ik al zei had ik vandaag dag 16 en heb er dus 105,6 km opzitten . Het gaat lekker en voel me goed. Nog geen tegenslagen gehad. Op de Route 66 ben ik net het plaatsje Gardner gepasseerd. Heb al een hoop gezien en ben ondertussen gewend mijn weg te vinden. Soms rustig en soms druk verkeer, maar in mijn tempo heb ik alle tijd.

De kunst is wel om heel te blijven, geen blessures, en gemotiveerd te blijven. Ik probeer dit door afwisselend te trainen. Eigenlijk elke dag iets anders, maar vooral rustig lopen. Maximaal trainen doe ik niet. Mijn maximale tempo noem ik vlot. Voor mij ligt dat rond de 4:25 min/km. Bij dit tempo kost het mij geen enkele moeite om indien nodig te versnellen. Per week mag ik twee trainingen doen waar het woordje vlot in voor komt. Voorlopig loop ik dit 6,6 km rondje, maar het is heel goed mogelijk dat ik op een gegeven moment een ander rondje van 6,6 km opzoek. Voor de variatie en de motivatie. Hieronder zie je een overzicht van de 6,6 km rondjes die ik afgelopen week heb gedaan.

Maandag 20 april (dag 10) 6,6 km 41:55 min. Vandaag rustig aan na de vlotte loop van gisteren. Met de rem erop gelopen, maar omdat ik toch nog te snel liep voor mijn gevoel een tweede rem gezocht en gevonden. Een loop met een dubbele rem.

Dinsdag 21 april (dag 11) 6,6 km 33:30 min. Rustig op voel begonnen en de tweede helft op gevoel licht versnelt.

Woensdag 22 april (dag 12) 6,6 km 35:21 min. Na de lichte versnelling van gisteren, vandaag rustig op gevoel blijven lopen.

Donderdag 23 april (dag 13) 6,6 km 31:08 min. Vandaag 15 keer 100m (ongeveer) vlot tempo gedaan met tussendoor rustig lopen

Vrijdag 24 april (dag 14) 6,6 km 41:32 min. Na het vlotte tempo van gisteren vandaag weer een loop met de dubbele rem.

Zaterdag 25 april (dag 15) 6,6 km 36:42 min. Vandaag met een enkele rem gelopen met het oog op morgen

Zondag 26 april (dag 16) 6,6 km 32:36 min. Vandaag de muziektraining gedaan. één nummer rustig, één nummer vlot.

Hieronder een staafdiagram met de minuten per dag.