Marathonfit

“Ik wil dan graag marathonfit zijn” zei één van mijn loopmaatjes enige tijd geleden aan de koffietafel na een duintraining. Een ander loopmaatje keek vragend naar hem op “Wat bedoel je?” Hij had in het najaar een reisje met loopmaatjes gepland naar de Alpen om daar een marathon te gaan lopen. Dit ging niet door, maar hij wilde wel trainen alsof hij de marathon dan ging lopen. Mocht er zich nog een marathon aandienen dan was hij er klaar voor om die te gaan lopen. Hij was dan marathonfit.

Eigenlijk best een leuk idee. Voor iets gaan trainen dat je niet gaat doen, maar als dat iets zich aandient je er wel aan mee kan doen.

Ik weet dat als ik voor een marathon of een andere lange afstand aan het trainen ben ik mij altijd fit voel. Niet alleen mijn lijf voelt sterker, maar ook mentaal kan ik meer aan. Daarnaast blijf ik lekker op gewicht. Lekker omdat ik dan, ik ben toch al geen zwaargewicht, alles kan eten wat ik lekker vind. Een ander positief punt is dat ik dan ook vaak buiten ben. In plaats van op de bank te gaan liggen netflixen trek ik mijn loopschoenen aan en ga een stukje hardlopen. Nou moet je misschien weten dat als ik voor een marathon aan het trainen ben ik minimaal 4 keer in de week loop en vaak 5 keer, waarvan één keer een lange duurloop. Met lang bedoel ik dan minimaal 20 km. Nu ik dit zo opschrijf realiseer ik mij hoe fijn het is om voor marathonfit te trainen en en te blijven. Ik ga voor marathonfit.

Ik was bijna bij een keuze moment aangekomen. Afslaan en terug of rechtdoor wat inhield dat ik zeker 10 km langer moest lopen. Ik moest denken aan een paar minuten terug toen ik luisterde naar het nummer Take the Long Way Home van Supertramp. Eigenlijk had ik helemaal nog geen zin om terug te lopen. De benen voelden goed vanmorgen, het weer was goed en er was tijd genoeg om een stukje verder te lopen. Rechtdoor dus. Onderweg kon ik een paar keer niet de verleiding weerstaan om een lusje erbij te lopen, omdat juist die lusjes zo leuk zijn. Terug zag ik dat de teller 30,5 km aangaf. Op weg naar marathonfit.

Advertenties

Borstel

De plukken staken alle kanten op. Het was een chaos. Dit was het eerste dat mij opviel toen ik mijn lenzen in had en in de spiegel keek. Ik heb het hier over mijn haar. Ik hoorde de wind gieren. Over een paar minuten zou ik naar buiten gaan voor een duurloopje. Had het zin om een borstel door mijn haar te halen om het in model te brengen wetende dat de wind er in no time weer een chaos van zou creëren. Ik moest denken aan Ronaldo die ik afgelopen week zag spelen. Zijn kapsel is altijd picobello in orde. Zelfs als hij een bal kopt, die nog vaak het doel treft ook, lijkt er geen haartje verschoven. Is je kapsel belangrijk voor je prestatie? Voor alle zekerheid haalde ik er toch maar een borstel door.

Ik had er zin in. De benen voelden goed na een paar dagen hardlooprust. Ik was niet de enige die er zin in had want ik kwam al gauw heel wat lop(st)ers tegen ondanks het onstuimige weer. Heerlijk om de wind door je haar te voelen woelen. De verwachtte chaos was al snel daar. De eerste versnellingen had ik al achter de rug en ik keek uit naar de lage Kadijk. Een smal asfaltpad tussen twee weilanden van zo’n 400 m en gezien de windrichting had ik hem tegen.

400 m. Rechtuit, Het eind in zicht. Start. Daar ging ik. Mijn lichaam gestrekt. Als een snaar gespannen tussen de zwaartekracht en de hemel. De schouders naar beneden en de armen ontspannen , maar niet slap, laten meedansen in de beweging. Mijn buik in en uit voelen gaan door de ademhaling. De heup van het standbeen licht liften zodat de bijbehorende voet als vanzelf van de grond komt en de andere voet met een kort contact onder het lichaamszwaartepunt het asfalt laten raken. Voor ik er erg in had waren de 400 m voorbij.

Ik weet niet of de borstel geholpen heeft , maar ik heb heerlijk en ook best hard gelopen. Nou wil ik komende week nog naar de kapper. Misschien nog even kijken naar het Ronaldo kapsel.

Saai

De lucht is egaal grijs en er valt water uit waar geen kleur in zit. Saai weer dus. Het is zondagmorgen, duurloopmorgen. Ik heb voor vandaag geen spannende training in gedachten. Die spannende trainingen heb ik afgelopen week al gedaan. Vandaag wordt een gewone duurloop. Een beetje saai dat wel. De route die ik ga lopen is niets bijzonders. Ik heb hem al zo vaak gelopen dat ik hem ook zonder mijn lenzen in zou kunnen doen. Nou moet je weten dat ik zonder mijn lenzen pas en boomstronk op het pad zie als ik er al over gestruikeld ben. Saai weer. Saaie route. Eigenlijk is het dus een duurloop van niks.

Als ik begin, begint het ook gelijk harder te regenen. Het is nog opvallend rustig. Op de parkeerplaats stond slechts één auto. Misschien dat het straks nog drukker wordt als de lopers ontwaakt zijn en horen dat de CPC loop vandaag niet doorgaat. Even later als ik op een open stuk ben merk ik dat het begint te waaien. De route die ik loop is een acht en even is daar de verleiding om vlak voor ik aan de tweede lus begin af te slaan en terug te lopen naar het begin, maar ik doe het niet. Ondertussen zingt Morrissey , zanger van the Smiths, ” Will nature make a man of me yet” Op de één of andere manier vond ik The Smiths wel passen bij deze loop met hun melancholische maar ook geestige teksten.

Mijn kleding was ondertussen wel doornat geworden en ik voelde een paar druppels al pogingen ondernemen zich van mijn shirt los te maken om zich dan langs mijn ruggengraat langzaam naar beneden te laten glijden naar mijn bilspleet. Terwijl ik dit gewaar werd zag ik in de verte een hert met vol gewei midden op het pad staan. Werd het dan toch nog spannend. Nee, want toen ik hem naderde liep hij in een soort van verveelde draf van het pad weg en lag er weer een saai lang rechtstuk voor mij.

Eigenlijk liep ik helemaal niet verkeerd. Had een heerlijk rustig tempo. Een rustig ademhaling. Was niet moe. Geen zware benen. Een mooie rustige hartslag. Allemaal top, maar wel een beetje saai. Volgende week maar eens een spannende duurloop doen.

Chill

Ik was nog maar net over het eerste bruggetje toen ik al naar beneden keek. Naar mijn voeten. Beter gezegd naar mijn schoenen. Had ik misschien mijn wandelklompen aangetrokken in plaats van mijn hardloopschoenen. Het was zaterdagochtend en ik was niet vooruit te branden. Het plan was een kort loopje met een sneller 2 km middenstuk. Nou, dat korte loopje zou zeker lukken, maar door die snellere 2 km ging een vette streep. Ik had het gevoel dat de zwaartekracht vertienvoudigd was en ik niet meer loskwam van de grond.

Ik liep in een heel rustig tempo het jaagpad op. Dit is zo wie zo geen pad om snel te lopen vanwege de smalte, wandelaars, honden en de boomwortels die door het asfalt komen. Achter mij hoorde ik de twee jonge dames die ik even tevoren over de Schalkwijkerweg had zien lopen ook het jaagpad op komen. Één van de twee was aan het vertellen en de ander hoorde ik zo’n beetje om de 10 sec chill zeggen. Aan hun stemvolume hoorde ik dat ze langzaam op mij inliepen en omdat het pad smal was stapte ik even opzij om ze langs te laten. De verteldame voorop en de chilldame er vlak achteraan. Een paar honderd meer verderop zag ik ze chill linksaf slaan.

De lol die ik had om de twee danes had er ook voor gezorgd dat ik iets makkelijker was gaan lopen. Ik kwam weer los van de grond wat maar goed was ook, want anders was ik zeker gestruikeld over één van de vele boomwortels. Na het jaagpad nog even een stukje ringvaart en Molenplas en dan via de Lage Kadijk weer terug. Ik weet niet of het om mij was, maar toen ik hier langs de koeienstal liep hoorde ik opeens een luid geloei. Hadden ze lol om mij. Wilden ze mij gedag loeien. Of was het puur toeval. Het maakt niet uit, want de lol die ik hier om had zorgde ervoor dat ik de laatste 2 km heerlijk ontspannen naar huis liep.

Vanmorgen was een nieuwe ochtend en dat heb ik gemerkt. Niks zware benen. Ik liep heerlijk , bijna als een jonge god , een duurloop door de duinen. Zo zie je maar. Niet teveel blijven hangen in de dag van gisteren, maar gewoon opnieuw beginnen.